Maandelijks archief: juni 2014

Tiki-taka in Brussel

(verschenen in De Standaard Weekblad, 24 juni 2014)

Brussel is een supermarkt van jeugdtalent waar topclubs permanent op koopjesjacht gaan

De Rode Duivels zijn het levende bewijs: voetbaldromen komen soms uit. Nergens wordt er harder aan gewerkt dan tussen het zwerfvuil in de Brusselse volkswijk La Roue- Het Rad. Op een boogscheut van het grote Anderlecht strijken iedere zondag privécoaches met pupillen neer. Spécifiques heet het Brusselse fenomeen dat zich volledig buiten het blikveld van de voetbalbond afspeelt. “Privétrainingen zijn big business geworden”. 

foto's Frederik Buyckx, www.frederikbuyckx.be

foto’s Frederik Buyckx, www.frederikbuyckx.be

Coach Ben schudt het hoofd. Jongens toch, wat een geknoei. Zal hij nog één keer voordoen? Hij gooit de bal op en houdt hem in de lucht. Linkerbeen, rechterbeen, het lijkt wel de French Cancan. Zo moet het dus. Per twee, gezichten naar elkaar gewend, niet meer dan een halve meter afstand. De ene achteruit, de andere vooruit. En lopen maar, terwijl de bal van de ene zijn linkerdijbeen naar de andere zijn rechterdijbeen stuitert. Zes koppels trekken zich op gang. Een keer, twee keer over en weer, de ballen vliegen alle kanten op. “Amateurs”, foetert de coach. “Is dat nu zo moeilijk?”.

Ben Tahiri kent het geheim van het voetbalspel. Techniek, techniek en nog eens techniek. “Il faut manger le ballon”, betoogt hij tussen twee oefeningen door. “Balgevoel ontwikkelen, daar komt het voor jonge spelers op aan. Het leer moet aan hun voet kleven. Bij de opwarming zie je meteen wie het in zijn mars heeft. Per twee het veld op en af, en kaatsen maar. Technisch vaardige spelers kunnen het zonder naar de bal te kijken, die vertellen elkaar hun hele weekend terwijl ze aan het tiktakken zijn”.

honger naar de bal

We staan op een juweel van een voetbalveld in La Roue-Het Rad, een wat groezelige buurt in de rand van Anderlecht. Kunstgras, van de jongste generatie. Geen schuurpapier zoals vroeger, toen een onstuimige sliding met brandwonden werd bestraft. Aan het hek hangt nog een bordje van Milan Anderlecht, een derde provincialer die hier ooit zijn thuismatchen speelde. Vermoedelijk zijn met de club ook de doelen en de kleedkamers verdwenen. De hele omgeving steekt schril af bij de onberispelijke grasmat. Overal hoopt zwerfvuil zich op, tot afgedankte wc-potten en gestolen winkelkarretjes toe. Slordig van de eigenaar, de gemeente Anderlecht. Toch hoor je hier niemand klagen.“Zolang ze ons maar gerust laten”, zegt Ben. “We betalen niks, vragen niemand om toelating. C’est un terrain sauvage, vrij toegankelijk voor iedereen. Een zegen voor de Brusselse jeugd, want er is een nijpend tekort aan speelruimte. Velden genoeg, maar ze blijven onderbenut. Sportcomplexen, scholen, voetbalclubs, ze sluiten hun infrastructuur af voor buitenstaanders. Onbegrijpelijk, nu Brussel een bevolkingsexplosie kent en voetbal populairder is dan ooit. Kijk maar eens rond in de stad. Overal waar een paar vierkante meter publieke ruimte is, wordt gesjot. De honger naar de bal is enorm”.

Honger naar de bal? De spelers die deze zondag naar Het Rad zijn afgezakt, zijn eraan verslaafd. Het zijn immers geen straatvoetballers die hier samentroepen. De tweelingbroers Steve en Loïc spelen bij de U15 van eersteklasser Mons, Esad bij de U-17 van Zulte Waregem, de 12-jarige Soufrian en zijn vier jaar jongere broer Mehdi bij de elite van het grote Anderlecht. Twee laatkomers schudden Ben de hand. Opgeschoten jongens met Afrikaanse roots, zoals de kleine helft vanmorgen op het veld. Een speelt bij de beloften van tweedeklasser Antwerpen, zijn vriend is het nog verder gaan zoeken. “Virton”, zegt hij. “Helemaal in Luxemburg, Ik zit er op internaat”. Verhalen als deze zijn hier legio. Brussel is een supermarkt van jeugdtalent waar Belgische en zelfs buitenlandse topclubs permanent op koopjesjacht gaan. De meesten van deze jongens trainen vijf keer per week, om zaterdag een match te spelen. Voetbalschoenen aan de haak op die enige dag zonder clubverplichtingen? Geen sprake van, zondag is de dag van ‘les spécifiques’, extra oefensessies onder begeleiding van een resem onafhankelijke, zelfverklaarde trainingsexperts.

50 euro per uur

Hassan is er ook vandaag. Ballennet over de schouder, verkeerskegels in de hand, in zijn kielzog zes jongens van een jaar of twaalf. Hij bakent zijn oefenveld af, veel meer dan tien bij tien neemt het niet in beslag. Spurtjes zonder bal, slalommen rond kegels, driehoekjes met wisselende posities, hier wordt de basis gelegd voor het tica taca à la Barcelona. Bij elk bezoek aan Het Rad is het een komen en gaan van coaches, maar Doba is een certitude. De vriendelijke Ivoriaan met rastakapsel staat iedere zondag als eerste op het veld. Vanaf negen uur het kleine grut, daarna een sessie voor de u 12 tot en met u16. Hij legt er de pees op, zonder evenwel te bullebakken. Ervaring zat, Doba is doordeweeks jeugdtrainer bij de pas gedegradeerde tweedeklasser FC Brussels. De jonkies spelen vanmorgen op blote voeten. “Zoals in Afrika”, zegt Doba. “Ideaal om techniek te leren. Op dat punt schieten onze clubs tekort. Teveel spelers en te weinig trainers om aan individuele begeleiding te doen. Daar maken spécifiques het verschil”.

Over de financiële kant van zijn bijverdienste praat hij liever niet, maar het vergt weinig detectivewerk om te achterhalen dat een sessie tien euro per speler kost. “Een van de goedkopere in het vak”, zegt Abdel Malik terwijl hij het passenspel van zijn tienjarige zoon Momo nauwlettend volgt. “Er zijn ook coaches die inviduele trainingen aanbieden. Mannen zoals Steve of Ibrahim, die vragen gemakkelijk veertig tot vijftig euro per uur”. Abdel is het prototype van de betrokken voetbalvader. Momo, twee jaar jeugdacademie Anderlecht, intussen bij derdeklasser Zaventem-Woluwe, staat iedere weekdag in clubkleuren op het veld. Ze wonen in Sint-Joost, uren hebben ze al in de file gestaan op weg naar de training. Toch is Abdel iedere zondag op de afspraak in Het Rad. “Momo heeft een droom: hij wil voetballer worden”, zegt Abdel. “Hij is nog erg jong, misschien wordt het helemaal niks. Maar ik wil later kunnen zeggen dat ik er alles aan gedaan heb”.

coach Ben Tahiri, zelf virtuoos met woord en bal

coach Ben Tahiri, zelf virtuoos met woord en bal

Koning van het Rad

Ben Tahiri, de man die als geen ander de French Cancan danst met een voetbal, is de ongekroonde koning van Het Rad. Zijn gsm-nummer gaat viraal, trainingen lokken zelfs ouders en spelers uit Aalst, Gent of Antwerpen. De rijzige Brusselaar is dan ook een figuur. Charisma te koop, even virtuoos met de tong als met de bal. Passen met links of rechts, controles met het hoofd of borst, het gaat hem allemaal even gemakkelijk af. We geloven hem als hij zegt dat hij door passie wordt gedreven. “Er gaat in België veel talent verloren”, maakt hij zich druk. “Topclubs zoals Anderlecht hebben geen geduld, ze willen hun talent plukrijp. Jongens zoals Thielemans, Bruno of Mbemba, van wie zelfs een blinde ziet dat ze het zullen maken. Maar er zijn ook gasten die meer tijd nodig hebben om te rijpen, of die een wat moeilijker karakter hebben. Voor hen sta ik hier, zelfs in het putje van de winter. Vorig jaar moesten we met zijn allen sneeuw ruimen vooraleer we aan de training konden beginnen”.

Ben hanteert geen tariefschaal, maar een tientje als bijdrage in de kosten is altijd welkom. Niet dat hij helemaal belangeloos zijn zondag opoffert. Belangeloos bestaat niet in jeugdvoetbal, waar tientallen makelaars en scouts velden afschuimen op zoek naar de volgende Hazard of Lukaku. Aasgieren, noemt Ben hen, waarmee hij de specimen bedoelt die jongens en ouders het hoofd op hol brengen. Hier een handtekening graag, en de weg naar Chelsea of Manchester ligt wijd open! De schampere toon belet niet dat Ben zelf de nummers van alle makelaars op zak heeft. En wie kan het deze magazijnier met ziekteverlof kwalijk nemen dat hij zelf wat scouting doet, vroeger voor Standard, tegenwoordig voor Club Brugge? Het draagt allemaal bij tot zijn prestige, net zoals het feit dat hij zijn eigen zoon met vaste hand naar een profcontract bij SK Lierse heeft begeleid. Waarom is hij zelf nooit prof geworden? “Marokkanen van mijn generatie kwamen niet aan de bak”, zegt Ben. “Racisme van de clubs, maar ook gebrek aan ondersteuning thuis. Ik had niemand die me vijf keer per week naar de training kon voeren. Vandaag is alles anders. Racisme? Dat kunnen de clubs zich niet meer permitteren. Kijk naar het succes van de Rode Duivels, of naar deze jongens hier. Er zit van alles tussen, maar ik zie toch vooral Maghrebijnen en Afrikanen”.

Steve & Loïc

Steve & Loïc

Aan ondersteuning van thuis ontbreekt het die nieuwe Belgen niet meer. Alain Nkeng, vader van tweeling Steve en Loic, is een habitué van Het Rad. Het voorbije seizoen speelden zijn zonen bij de U14 van Mons. “Ik heb ze ginder op internaat gezet”, zegt de Kameroenees uit Schaarbeek. “Sports-Etudes, een combinatie van school en voetbal. Peperduur, volgend seizoen haal ik ze terug naar een kleinere club in het Brusselse, ook al omdat Mons intussen naar tweede klasse is gezakt”. Terwijl Steve en Loïc hun kopspel perfectioneren, vertelt hij over zijn eigen voetbaljeugd in Kameroen. Ook zijn vader stond soms aan de zijlijn, maar niet om te supporteren. “Papa wilde niet dat ik voetbalde”, vertelt hij met een grijns. “Hij is me meer dan eens van het veld komen sleuren. In de ogen van zijn generatie was voetbal een spelletje voor leeglopers, un sport de voyous. Vandaag is voetbal in Kameroen alomtegenwoordig. Ouders betalen zich blauw aan voetbalacademies en privétrainers, in de hoop dat hun zoon het ooit in Europa zal maken”. Zelf is hij niet zo naïef. Zeker, ook hij wil zijn zoons alle kansen geven om hun droom na te jagen. “Maar de school komt altijd op de eerste plaats. Steve en Loïc kennen de afspraak. Huiswerk klaar en les leren, anders zondag geen spécifiques. Pas op, ik ben blij met hun passie. Wat zouden ze zonder voetbal in deze stad beginnen? Met slechte vrienden rondhangen op straat. Bovendien, zonder sport zouden ze zeker tien kilo te zwaar staan”.

Van de bond los

Ook de 17-jarige Esad Guler uit Dilbeek zit op voetbalinternaat. Bij Zulte-Waregem, zijn ouders dokken er 350 euro per maand voor. Esad, zoon van een vader met gemengde Turkse-Macedonische-Albanese roots, is perfect tweetalig. Een verstandige kerel, maar studeren is geen prioriteit. “Ik zet alles op voetbal”, zegt hij. “Er is geen plan B, ook al besef ik hoe smal de weg naar de top is. Je moet er helemaal voor gaan “. Esad heeft een grillige loopbaan achter de rug. Jeugd Dilbeek Sport, potjes zaalvoetbal, niks wees in de richting van een echte roeping. De grote sprong voorwaart kwam er na een tweejarig verblijf bij Seth Nkandu, de jeugdtrainer die in Brussel het concept van de voetbalacademie op de kaart heeft gezet. We treffen hem in het gemeentelijk sportcomplex van Sint-Agatha Berchem. In 1994 verkaste Seth met een studiebeurs van Lubumbashi naar Brussel. Van een ingenieursdiploma kwam weinig in huis, maar hij voetbalde zich wel een weg naar de vierde nationale. En haalde alsnog een bul: een UEFA-trainersdiploma waarmee hij bij het prestigieuze opleidingscentrum van Sporting Anderlecht aan de slag ging. “Mijn grote voorbeeld is Frankrijk”, zegt hij. “De Franse voetbalbond heeft scholen opgericht waar de beste jeugdspelers van de regio worden klaargestoomd voor een carrière op het hoogste niveau. De nadruk ligt op techniek. Eindeloos oefenen met de bal, tot alle bewegingen volledig geautomatiseerd zijn. Ik heb dat concept bij Anderlecht proberen aan te kaarten, maar vond geen gehoor. Daarom ben ik in 2007 met mijn eigen academie begonnen”. De vergelijking is wat geflatteerd, de Franse académies legden de grondslag voor het succes van de Les Blues die in 1998 wereldkampioen werden. Niettemin, NSeth Academy oogt als een professionele organisatie met een drietalige website. Op deze woensdagmiddag bezetten een vijftigtal spelers de twee oefenvelden die de privéschool dagelijks afhuurt. Hummels van acht en beren van achttien, voor elke leeftijdsgroep staan twee door Seth geselecteerde of o pgeleide coaches klaar. Ook de Brusselse Congolees is discreet over geld, maar uit goede bron vernamen we dat aansluiten 125 euro per maand kost. “Eerst testen we het potentieel”, zegt hij . “Wie slaagt, staat voor een keuze. Aansluiten betekent dat ze hun club verlaten en geen competitie meer spelen, want we opereren volledig los van de voetbalbond. Natuurlijk organiseren we oefenmatchen, maar wedstrijden zijn niet de essentie. Oefenen in kleine groepen, schaven aan de houding en de techniek, zo kneed je toppers. Ik geef trouwens ook individuele trainingen. Vorige zondag heb ik hier een Vlaams toptalent van PSV onder handen genomen, hij zat in de knoei met zijn kopspel”.

voetbalvaders op Het Rad

voetbalvaders op Het Rad

nieuwe Batshuayi

Middelmatige spelers veranderen in goede spelers, goede spelers in nog betere spelers, zo zou de de baseline van NSeth Academy kunnen luiden. “In twee jaar tijd stomen we ze klaar voor een hoger niveau”, maakt Seth zich sterk. “Zie je ginder die groep U19’s? Die trainen zes keer per de week, telkens twee uur. Als die hier weggaan, kunnen ze zo meedraaien in eerste of tweede klasse”. Bij oefenmatchen zijn ouders niet toegelaten. Tierende voetbalvaders, hij heeft er een hekel aan. Feedback voor hun lieve geld? Ze krijgen op geregelde tijdstippen een vorderingsrapport over hun zoon. Ook scouts en managers worden geweerd, zij het om een heel andere reden. De academie is een kweekvijver waar zonder vergunning wordt gevist. Académiciens kunnen van de ene dag op de andere naar een club vertrekken. Zonder opleidingsvergoeding, want die is enkel van toepassing bij transfers tussen erkende clubs. De regelgeving daaromtrent is een kluwen van federale, Vlaamse, FIFA en KBVB-oekazes. Feit is dat een opleidingsvergoeding aardig kan aantikken als een speler echt doorbreekt en later een buitenlandse miljoenentransfer versiert. Zoals Michi Batshuayi, de topscorer van Standard die wellicht nog deze zomer naar de Premier League verkast. Een pupil van Seth in zijn periode bij Anderlecht, hij koestert de foto’s op zijn iPad.

Als morgen onder zijn handen een nieuwe Batshuayi ontbolstert, wil hij zijn deel van de koek. Maar hoe? Seth heeft twee jaar lang op de loonlijst van Club Brugge gestaan. Zijn academie diende de facto als Brussels filiaal van de West-Vlaamse club, niet de enige eersteklasser overigens die watertandend naar het onontgonnen potentieel van de hoofdstad kijkt. Hij heeft een dozijn talentjes naar Brugge doorgesluisd, maar na twee jaar liep de samenwerking dood. Partnerschappen met Anderlecht, Genk of Standard? Alle pogingen zijn op niets uitgedraaid. Enkele weken na ons eerste bezoek heeft hij verrassend nieuws. “Ik heb bij de bond een stamnummer aangevraagd. Ik ga toch maar een club oprichten. FSI wordt de naam, Football Street Intelligent. Dan kunnen we toch competitie spelen, en onze spelers vanaf zestien onder contract leggen. Als er dan eentje een toptransfer versiert, krijgen we tenminste een opleidingsvergoeding ”.

Alweer een Brusselse club erbij, nadat Vincent Kompany vorig jaar vierdeklasser BX Brussels uit de grond stampte. Het hoofdstedelijk gewest is ermee bezaaid. Acht clubs in de nationale reeksen, liefst 41 in de provinciale reeksen. Blijkbaar volstaat het allemaal niet, want het parallelle circuit groeit als kool. Voetbalacademies? De tips stromen binnen. Steve, de dure coach spécifiques over wie we op Het Rad al hoorden, is op een korfbalterrein aan het Westland Shopping Center in Anderlecht met een academie begonnen. In het Chazalstadion bij het Josaphatpark is dan weer de Académie de Foot de Schaerbeek neergestreken. 150 leden, de helft was nooit eerder bij een club aangesloten. De 220 euro lidgeld doen volgens secretaris Abdellatif Ettabaa geen afbreuk aan het sociale karakter.“We weigeren geen kinderen omdat hun ouders het niet kunnen betalen”, zegt hij. “Dat zou vloeken met ons ideaal. We zijn twee jaar geleden precies begonnen omdat we constateerden dat honderden jongens in Brussel geen club vonden. De kleintjes kampen met capaciteitsgebrek, en de grote zijn alleen geïnteresseerd in talent dat ze overigens bij de kleinere clubs gaan wegkapen. Bij ons mag iedereen aansluiten”. Idealisme? De academie, een zuiver privé-initiatief zonder enige band met de KBVB, heeft een partnerschap met de soccerschool van… Zulte Waregem. “Ze geven ons materiële steun”, zegt Ettabaa. “In ruil sturen ze af en toe een scout, er zijn trouwens al enkele beloftevolle jongens naar Zulte Waregem vertrokken”.

Emilio & Xhulio

Emilio & Xhulio

40 % jeugdwerkloosheid

Er zijn vele verklaringen voor het capaciteitsgebrek. De bevolkingsexplosie _ prognoses gewagen van anderhalf miljoen inwoners in 2030 _ is zeker niet de geringste. Maar er is meer. Nergens spreekt het succesverhaal van Rode Duivels zozeer tot de verbeelding als in Brussel. Het pad naar de top is smal en glibberig, jazeker. Maar ketten zoals Vincent Kompany, Romeo Lukaku, Marouane Fellaini, Michi Batshuayi en Adnan Januzaj bewijzen dat voetbaldromen soms uitkomen. Het is een troostrijke gedachte, zeker in achterstandswijken waar de jeugdwerkloosheid tot 40 procent oploopt.

Het Rad, een snikhete zondag later. André Kona, gewezen international van wat ooit Zaïre heette, ex-topscorer in de Turkse competitie, komt met een busje spelers aanrijden. Coach spécifiques of bezieler van een voetbalacademie, de grens is in zijn geval vaag. Nzonza legt zich toe op ambitieuze clubspelers. U16 en u19, de leeftijd waarop het moet gebeuren. De sprong naar de het A-team of de beloften, een transfer, zestien is de leeftijd waarop de carrière echt begint. Kona biedt vier extra trainingen per week. Techniek op een terrein in Vorst of op het Rad. Voor het trappenlopen, bevorderlijk voor de explosiviteit, trekken ze naar een park in Ukkel. Prijs op bestek, naargelang de service. “We volgens onze spelers desgewenst ook tijdens hun clubwedstrijden”, zegt hij. “We filmen alles met de iPad, zodat we hun positiespel nadien kunnen analyseren”.

Ben Tahiri ziet het zelf met verbazing aan. “Vijf jaar geleden was ik zowat de enige die spécifiques gaf”, zegt hij. “Intussen struikel je over de coaches. Er zijn zelfs voetbalvaders die trainingen geven, terwijl ze zelf nooit op een bal hebben getrapt. Het is big business geworden”. Voor een man die voetbal uit al zijn poriën ademt, kan hij erg somber doen over de hoogconjunctuur van zijn favoriete sport . “Waarom lopen hier vooral Marokkanen en zwarten rond”, vraagt hij retorisch. “Omdat die groepen oververtegenwoordigd zijn in de kansarmoede in Brussel. Ze dromen zich al voetballend een weg uit de miserie. Niet alleen de spelers, het zijn vaak de ouders die het hardst aan de kar duwen. Een zoon die het maakt als prof kan een hele familie uit de armoede tillen”.

Intussen lopen twee nieuwe pupillen zich warm. Emilio en Xhulio Cunaj zijn helemaal uit Antwerpen gekomen. Kansarmoede is niet wat hen drijft, de broers hebben allebei een baan bij busbouwer Van Hool in Grobbendonk. Als identieke tweeling doen ze alles samen. Samen in de spuitafdeling bij Van Hool, samen voetballen bij Berchem Sport, nadat ze ook al een jaartje samen bij een Zwitserse club hebben gespeeld. Ze beseffen het zelf wel, 23 jaar is niet bepaald jong voor een voetballer. “Het is nu of nooit”, zegt Xhulio. “We hebben een makelaar gevonden die zegt dat hij misschien een club in Engeland kan vinden. Hij is het die ons vandaag heeft gestuurd. Coach Ben gaat ons beter maken”.

XTC-bendes vergiftigen ons milieu

(Knack; 7 juni 2014)

“Soms steken ze een oplegger vol giftig afval gewoon in de fik”

Xtc en speed zijn helemaal terug. De productie boomt, dank zij nieuwe technieken en grondstoffen. Tegelijk piekt ook de afvalproductie. Sluikstorten is de oplossing van de bendes. In Nederland is het een echte plaag, en ook de grensprovincies Antwerpen en Limburg zijn besmet. Tientallen tonnen hoogtoxisch afval belanden jaarlijks in het milieu. De politie slaat alarm. “Dit is een zwaar onderschat probleem”.

toxisch restafval van synthetisch drugslabo. Opruimen is peperduur. (foto: federale politie)

toxisch restafval van synthetisch drugslabo. Opruimen is peperduur. (foto: federale politie)

Het was een ongewone maatregel waarmee twee Nederlandse gemeenten begin maart uitpakten. 5.000 euro beloning voor een gouden tip die kan leiden naar de daders van een reeks xtc-afvaldumpings in Peel en Horst aan de Maas, landelijke gemeenten in Nederlands Limburg.  In een jaar tijd werden er negen storten ontdekt, telkens goed voor duizenden liters gevaarlijke afvalstoffen. “We willen een signaal geven”, zegt Martin Vries, beleidsmedewerker veiligheid in Horst aan de Maas. “Het probleem van de xtc-dumpings loopt uit de hand. Meestal vinden we de vaten in de publieke ruimte, langs een afgelegen weg, in een greppel of in een bos. Gevaarlijk voor het milieu, en het verwijderen kost de maatschappij handenvol geld. Brandweer, politie, staalneming door het Nederlands Forensisch Instituut, opruimen en saneren door gespecialiseerde firma’s, er komt veel bij kijken. We schatten de totale schade op 10.000 euro per dumping. Zo kan het niet verder, dit moet dringend worden aangepakt”. Peel en Horst aan de Maas staan met hun frustratie niet alleen. Vorig jaar werden in Nederland 170 dumpings ontdekt, een absoluut record. In de wandel spreekt men van xtc-dumpings, maar het gaat even vaak om restproducten van amfetamines, zeg maar speed.

Als het regent bij de noorderburen, druppelt het in België. Benny Van Camp, commissaris bij de Centrale Dienst Drugs van de Federale Gerechtelijke Politie, kan het met cijfers staven. In 2012 werden in ons land slechts twee dumpings ontdekt, maar eind vorig jaar viel de teller op 17 stil. “Dat lijkt nog altijd minder dan het is”, zegt Van Camp. “Het gaat immers niet om een vaatje hier en een emmertje daar, we spreken over industriële hoeveelheden. Ruw geschat hebben we vorig jaar honderd ton afval van synthetische drugs opgeruimd”.  Hoe dat er in de praktijk uitziet? Erg divers, blijkt als Van Camp de foto’s op zijn laptop toont. Tientallen identieke blauwe vaten in het groen, het effect is bijna kunstzinnig. “Een propere dumping”, zegt hij. “Zolang er niks gaat lekken natuurlijk. Het blijft hoe dan ook een gevaarlijke toestand, want niemand weet wat er precies in zo’n ton zit. Vaak een cocktail van chemische restproducten. Erg toxisch, om nog te zwijgen van mogelijk brandgevaar bij verkeerde behandeling. Na zo’n vondst wordt meteen een perimeter ingesteld. Alleen de specialisten van het Labo Interventie Team, een multidisciplinair samenwerkingverband van politie en brandweer, komen in  de buurt, met beschermende pakken en gasmeters uiteraard”.

toxisch rampgebied

Voorbeelden van minder propere dumpings zijn er ook. Tussen de herfstbladeren ligt een ratjetoe van vaten, vuilnisbakken en gemengde rotzooi zoals opgebruikte koolstoffilters, met een defecte industriële weegschaal als absolute blikvanger. “Bendes hanteren verschillende methodes”, zegt Van Camp. “Een oplegger stelen, vol laden en op een verlaten plek achterlaten, ook dat komt voor”. Als oude rot in de drugsbestrijding wil hij geen details vrijgeven, maar bij zo’n vondst wordt alles uit de kast gehaald om de herkomst van de lading te achterhalen. “Ze maken het ons niet gemakkelijk”, zucht hij. “Labels worden verwijderd, serienummers uit vaten gebrand. Soms gaan ze nog een stap verder, en steken ze de boel in de fik. Dan krijg je zoiets”.  Met een muisklik haalt hij het beeld op. Twee uitgebrande opleggers, de hele parking oogt als een toxisch rampgebied. “Vergelijk het gerust met een brand of explosie in een chemische fabriek”, zegt Van Camp. “Er komen giftige dampen vrij, chemicaliën en besmet bluswater sijpelen weg. Los van de milieuschade loopt de economische kostprijs hoop op. Opruimen en stockeren gebeurt door een supergespecialiseerde firma, peperduur. En dan moet de bodem soms nog worden gesaneerd”.

Veel blijft onder de radar. Kleinere hoeveelheden worden in een gat in de tuin achter het labo gekiept, met alle gevolgen van dien voor het grondwater. Doorspoelen via het riool gebeurt ook, en niemand weet hoeveel hectoliters er al in sloten, kanalen of rivieren werden gepompt. Luc Valkenborg blijft zich verbazen over de creativiteit die bendes aan de dag leggen in hun afvalverwerking. “Bij het opdoeken van een lab in Bilzen hebben we de techniek van de mestkar ontdekt”, zegt de directeur van de FGP Hasselt. “Uit onderzoek achteraf bleek dat de bende een aanhangwagen gebruikte waarvan de bodemplaat was geperforeerd. Als het flink regende, reden ze ermee over de autosnelweg. Kraantje van het vat opendraaien en laten weglekken, geen mens die er wat van merkte. Een andere bende gebruikte een tractor om het spul uit over veldwegen en akkers uit te sproeien. Alles de grond in, de boeren wisten van niks”.

Vorig jaar kon Valkenborg met zijn team drie xtc-lab’s opdoeken. “Soms niet groter dan een garagebox”, zegt hij. “Maar de capaciteit is enorm, en de afvalstroom navenant. Dat betekent nog niet dat de ontdekte dumpings uit diezelfde periode van die labs afkomstig waren. Bendes storten hun afval bij voorkeur ver weg uit de buurt. Heel wat van ons afval is wellicht uit Nederland afkomstig. Van sommige labs die we in Limburg konden opdoeken, is gebleken dat ze hun tonnetjes in het Antwerpse gingen deponeren”. Dweilen met de kraan open, het is een gezegde dat Valkenborg goed kent. Niet alleen de xtc-problematiek vraagt zijn aandacht. Wekelijks worden in Limburg vier tot vijf plantages ontdekt, enkele weken geleden waren het er zeventien op één dag.  “Een gecoördineerde actie met de Nederlandse politie”, zegt hij. “35 huiszoekingen en 20 aanhoudingen, we hebben de hele organisatie ontmanteld. De meeste arrestanten in de plantages waren Belgen, de organisatoren Nederlanders. Typisch, we zien dezelfde verhoudingen bij xtc-bendes. Cannabis en synthetische drugs zitten van oudsher in gescheiden milieus. Niettemin: we hebben al labs ontdekt in een loods waar eerder een cannabisplantage werd opgedoekt. Dat kan toeval zijn, want beide milieus hebben dezelfde locaties op het oog, een schuur van een afgelegen boerderij, of een leegstaand pand in een industriezone. Toch is er een trend naar polydrugscriminaliteit. Bendes die in cannabis handelen, durven er ook wel eens synthetische drugs en zelfs cocaïne bijnemen”.

megadumpings

De reputatie van Limburg als narcoprovincie valt gemakkelijk te verklaren. Het rurale, dunbevolkte  landschap is niet alleen een lust voor het oog, het is ook bezaaid met discrete locaties. Perfect voor Nederlandse drugsbendes die het Europese ideaal van vrij verkeer van goederen en diensten op eigen manier in de praktijk brengen. Valkenborg: “We hebben 138 kilometer landgrens met Nederland, Duitsland ligt op een boogscheut. Bendes maken daar handig gebruik van. De voorbije jaren hebben ze de xtc-productie in stappen opgedeeld. Dat heeft met schaalvergroting en specialisatie te maken, maar evenzeer met risicospreiding. Ze doen een eerste bewerking in België, een tweede in Nederland, het tabletteren gebeurt in Duitsland. Of andersom, dat kan even goed. Voordeel: een inbeslagname van één lab hoeft geen fatale klap voor de organisatie te betekenen. Tenzij we vanuit dat ene lab het hele netwerk kunnen oprollen, maar dat is aartsmoeilijk, want ze doen er alles aan om de connecties te verdoezelen, onder meer door zich achter landgrenzen te verstoppen. Pas op, politie en justitie werken grensoverschrijdend samen. Er is overleg binnen de Euregio, met Nederlands Limburg, Noordrijn-Westfalen en Luik-Verviers. Dat werkt goed, maar het neemt niet weg dat ieder land zijn eigen wetgeving en prioriteiten heeft. Een huiszoeking in Nederland of een telefoontap in Duitsland krijg je niet op één dag geregeld. Dat beseffen de bendes maar al te goed”.

Grenzen spelen in de kaart van de drugbendes, weet ook Rudi Schellingen. “Als ik in de criminaliteit ging”, steekt de commissaris van wal, “dan zou ik ook niet twijfelen. Werken in België, wonen in Duitsland, en dat alles met een Nederlandse identiteitskaart. Drie verschillende landen, lekker lastig voor de politie”. Schellingen is hoofd recherche van Midlim, de politiezone die Genk, As, Opglabbeek, Zutendaal en Houthalen-Helchteren bestrijkt.  Het waren zijn mannen die op 18 oktober vorig jaar bij het krieken van de dag een omgebouwde varkensstal in de Reyndersstraat in Opglabbeek binnenstormden. Vijf slaapdronken laboranten werden van hun bed gelicht, vier Nederlanders en een Belg. Een van de grootste labs ooit in Europa, kopten de kranten. Honderden vaten en butaanflessen werden meteen geëvacueerd. Gelukkig maar, want drie dagen later vloog de stal, gelegen tegenover de woning van de burgemeester, in brand. Aangestoken om sporen uit te wissen, wordt vermoed. “Het onderzoek is nog niet afgerond”, zegt Schellingen. “Maar er zijn sterke aanwijzingen dat het lab in Opglabbeek verantwoordelijk is voor minstens drie megadumpings. Gestolen opleggers, blijkbaar de specialiteit van het huis”.

nieuwe dumpingtechniek:  oplegger vol gevaarlijk afval laten, in de fik steken en weg wezen (foto: Federale Politie)

nieuwe dumpingtechniek: oplegger vol gevaarlijk afval laten, in de fik steken en weg wezen (foto: Federale Politie)

precursoren

Die megadumpings werden in het Antwerpse ontdekt. Niet toevallig, want behalve Limburg wordt ook Antwerpen royaal voorzien van illegaal xtc-afval.  Het uitgestrekte en moeilijk controleerbare havengebied biedt kansen zat voor snelle dumps en lozingen. Maar ook de Noorderkempen krijgen meer dan hun part. Aan gene kant van de 203 kilometer lange rijksgrens ligt immers Noord-Brabant, ’s werelds nummer één in xtc en amfetamine. “We zijn helaas goed voor negentig procent van alle dumpings in Nederland”, zegt Jean-Louis Kop, woordvoerder bij provincie Noord-Brabant. “En het wordt steeds erger, het ziet er nu al naar uit dat het record van 170 dumpings dit jaar zal sneuvelen. Kijk, het opsporingsbeleid is in Nederland een zaak van de politie en het Openbaar Ministerie. Maar het probleem van de dumpings is intussen zo acuut geworden, dat de provincie op dat punt zelf het voortouw heeft genomen. We hebben alle betrokken instanties bijeen geroepen, politie, brandweer, OM, gemeenten, terreinbeheerders en waterschappen. Samen hebben we een draaiboek gemaakt, zodat in de toekomst alle instanties overal op een uniforme manier kunnen reageren op een dumping ”. 10.000 euro voor het gerechtelijk afhandelen en opruimen van een stort? De raming van Horst aan de Maas blijkt aan de voorzichtige kant. “Bij hele grote dumpings loopt het gauw in de tienduizenden”, zegt Kop. “Volgens de Nederlandse wet vallen de kosten voor ruiming en bodemsanering ten laste van de eigenaar. Rampzalig voor natuurverenigingen zoals Staatsbosbeheer en Brabants Landschap, die betalen zich blauw aan xtc-dumpings. Als provinciebestuur pleiten we voor een waarborgfonds om de kosten te dragen. Idealiter wordt dat gespijsd met plukse gelden, inbeslagnames van criminele winsten die met synthetische drugs worden geboekt. Helaas overstijgt dat onze bevoegdheid, het vergt wetgevend werk van Den Haag”.  In Vlaanderen is de wetgeving milder voor grondbezitters die met een xtc-dumping worden geconfronteerd. Meteen melden bij de politie, is de boodschap. Mocht er bodemsanering nodig zijn, dan kan men via het bodemdecreet het statuut van ‘onschuldig eigenaar’ bekomen. In de praktijk is het vaak de OVAM die de opruiming en eventuele sanering organiseert. En de factuur betaalt, in de hoop de kosten ooit te recupereren als de verantwoordelijken worden opgepakt en voor de rechtbank gesleept.

Afval fungeert als barometer: de scherpe toename van het aantal dumpings wijst op een escalatie van de productie. “We zien het jaar na jaar aanzwellen”, beaamt Benny Van Camp. “De curve is beginnen stijgen vanaf 2010-2011, en vorig jaar is het echt ontploft, we hebben in België 17 grote labs ontdekt. Topje van de ijsberg? Dat zou ik niet zeggen, maar het staat vast dat er veel meer zijn. En dan is België nog klein bier naast Nederland waar ze wekelijks enkele labs opdoeken. Blijkbaar hebben we te vroeg gejuicht. Pakweg vijf jaar geleden leek het fenomeen onder controle. De productie was gekelderd, vooral door gebrek aan grondstoffen. Zie je, lange tijd waren PMK en BMK, precursoren voor respectievelijk xtc en amfetamine, gemakkelijk verkrijgbaar, de producten werden met containers tegelijk vanuit Oost-Europa en Rusland geïmporteerd. Door die handel aan banden te leggen, vielen heel wat labs letterlijk droog. Helaas, we hebben de knowhow en creativiteit van het milieu onderschat. Ze hebben er wat op gevonden”.

1,3 miljard straatwaarde

Conversielabs, dat was het antwoord van de xtc-bendes. Het komt er op neer dat ze een schakel toevoegen aan het begin van het productieketen. Ze maken hun precursoren zelf, op basis van pre-percursoren. Apaan voor BMK,  safrol voor PMK, producten die vrij verkrijgbaar zijn. “Eerst was het alleen amfetamine”, zegt Van Camp. “Dat viel nogal op. Apaan heeft geen enkele legale toepassing, tenzij heel uitzonderlijk voor een experiment in de farmaceutische industrie. Ineens zie je dat spul met tonnen tegelijk vanuit China binnenkomen. Die poort werd intussen gesloten, apaan staat nu op de lijst van vergunningplichtige stoffen. Maar maak je geen illusies, binnen de kortste keren hebben de experts van het milieu wel een alternatief gevonden”.

Hij praat erover zoals een boswachter over een ongrijpbare stroper. Zonder sympathie, maar met een zeker respect. “Synthetische drugs is een klein en gesloten wereldje. Heel anders dan cannabis waar de drempel voor nieuwkomers een stuk lager ligt. Er komt veel organisatietalent bij kijken, want de logistieke keten is erg zwaar. Het smokkelen van grondstoffen en verboden chemicaliën, het transport tussen de verschillende productiestappen, de distributie naar alle hoeken van de wereld. Indonesië, Australië, Zuid-Afrika, overal is er vraag naar Nederlandse pillen. Ook in Polen worden xtc en amfetamines gedraaid, maar dat stelt weinig voor naast de hoeveelheden waarmee de Nederlandse bendes de wereldmarkt overspoelen. Nu ja, Nederlandse bendes. In feite zouden we beter van een Nederlands-Belgisch milieu spreken. In alle bendes zit wel een Belg, als het er geen twee of meer zijn. Ons land heeft blijkbaar uitstekende experts. Cooks, mannen die instaan voor de mix en de synthese. Of installateurs die labs inrichten. Doorgedreven specialisatie, dat is eigen aan synthetische drugs. Ook afval dumpen is een specialiteit, met experts die voor verschillende bendes werken. En inderdaad, de landgrens is hun bondgenoot. Het lijdt geen twijfel dat heel wat van onze dumpings van Nederlandse labs afkomstig zijn, maar de stroom gaat evengoed in de omgekeerde richting”.

Stroom mag hier vrij letterlijk worden geïnterpreteerd. Een kilo amfetamine genereert 15 kilo vloeibaar restafval. Een kilo MDMA, de werkzame stof van xtc, levert 8 à 10 kilo smurrie op. Dat is zonder de conversie gerekend. Het omzetten van safrol naar PMK voegt per kilo eindproduct nog eens 10 tot 15 kilo aan de afvalstroom toe. Met deze cijfers in het achterhoofd krijgt de dubbelslag in Chimay en Vilvoorde een extra dimensie. Het gebeurde in augustus 2013. Sprak men in Opglabbeek nog van een van de grootste labs van Europa, dan stond de status van deze ontdekking buiten kijf. Het lab in Chimay was het grootste dat ooit werd opgerold. Bijna twee ton MDMA in poedervorm. Geschatte straatwaarde na tablettering: 1,3 miljard euro. De ontdekking leidde de speurders naar een haast even groot conversielab in Vilvoorde. Twee ton zuivere MDMA, dat is volgens bovenstaande tabellen goed voor 30 ton chemicaliën die wellicht in de natuur werden gedumpt. Tijd om aan de alarmbel te trekken, vindt Van Camp. ““De strijd tegen xtc is een prioriteit in het Nationaal Veiligheidsplan van de Federale Politie, maar tot dusver ging er te weinig aandacht naar de dumpingproblematiek. Dat moet veranderen, nog voor het einde van het jaar lanceren we een actieplan. We willen geen paniek zaaien bij de bevolking, maar de betrokken instanties sensibiliseren. Ik ben er namelijk zeker van: heel wat xtc-dumpings worden niet als zodanig herkend. Men ziet een paar blauwe vaten in een greppel liggen, en denkt dat het om een gewoon sluikstort gaat. Gevaarlijk, want vaak laat met de boel door gemeentearbeiders opruimen die geen idee hebben wat voor giftig en brandbaar spul ze behandelen”.

Intussen wachten ze in  Peel en Horst aan de Maas nog altijd op een winnende tip. 5.000 euro om de tongen los te maken? Misschien niet iets te mager voor het xtc-milieu waar winstcijfers met heel nullen worden geschreven.