Aardappelactiviste Barbara Van Dyck over ggo-proces Gent

(Knack, 15 oktober 2014, biografie Barbara Van Dyck scroll naar einde artikel)

‘Activisten veroordelen voor bendevorming is een gevaarlijk precedent’

 Aardappelen rooien kan zware gevolgen hebben. Een jaar geleden werd Barbara Van Dyck met tien andere activisten zwaar veroordeeld voor het vernielen van een ggo-proefveld. Volgende week moet ze voor het Gentse Hof van Beroep verschijnen. De uitkomst is ongewis, maar spijt zal de Leuvense onderzoekster niet betuigen. “Er staat op dit proces veel meer op het spel dan ggo’s”.

foto: Tom Verbruggen

foto: Tom Verbruggen

Op dinsdag 28 oktober buigt het Gentse Hof van Beroep zich over de geruchtmakende ggo-zaak. Elf leden van het Field Liberation Movement moeten zich verantwoorden voor de raid van 29 mei 2011 op een proefveld met genetisch gewijzigde aardappelen in Wetteren. De vooraf aangekondigde en sterk gemediatiseerde actie ontaardde in een kat- en muis-spelletje met de politie. Balans: een dozijn aardappelplanten gesneuveld en een paar tientallen meters heining gesloopt. De correctionele rechtbank van Dendermonde tilde er bijzonder zwaar aan, en veroordeelde de activisten onder meer voor bendevorming. De strafmaat was navenant: voorwaardelijke gevangenisstraffen van drie tot zes maanden, plus een dikke 20.000 euro aan boetes en schadevergoedingen. De burgerlijke partijen, de Universiteit Gent, het Vlaams Instituut voor Biotechnologie, de Hogeschool Gent en het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek die het experiment samen voerden, reageerden tevreden.

De vraag is of het Hof de uitspraak van 24 september 2013 in beroep zal bevestigen. Het vonnis lokte immers felle kritiek uit, onder meer van de Gentse professor media- en mensenrechten Dirk Voorhoof en zijn VUB-collega Serge Gutwirth. In het Rechtskundig Weekblad waarschuwen ze voor een bedenkelijk precedent. Bendevorming staat in het strafwetboek om fenomenen als banditisme en terrorisme aan te pakken. Door die kwalificatie op de FLM-militanten los te laten, kan straks iedere vorm van activisme of burgerprotest als crimineel worden vervolgd. Even kritisch zijn beide rechtsgeleerden voor de wijze waarop het onderzoek en het proces werden gevoerd. De door de verdediging aangeleverde camerabeelden werden afgewezen, expertgetuigen à décharge niet toegelaten. “Dat wordt waarschijnlijk anders op het nieuwe proces”, zegt Barbara Van Dyck. “Er is goede hoop dat we onze beelden mogen tonen en onze getuigen kunnen oproepen. Bovendien is er een nieuw element. In het Franse Colmar heeft het Hof van Beroep 54 activisten vrijgesproken nadat ze in eerste aanleg waren veroordeeld voor het vernielen van een proefveld met genetisch gemanipuleerde wijnranken. Heel relevant, want die zaak is zeer vergelijkbaar met de onze, tot en met het ontbreken van een wettelijke vergunning voor het proefveld”.

Barbara Van Dyck (35) mag zich schrap zetten. Straks in Gent zullen alle camera’s op haar gericht zijn. Van Dyck, een bio-ingenieur die ook heeft doorgeleerd in management en ruimtelijke planning, is ongevraagd het gezicht van het ggo-proces geworden. Ze dankt die status aan een demarche van haar werkgever, de Katholieke Universiteit Leuven waar ze als postdoctoraal onderzoeker aan de vakgroep architectuur, stedenbouw en ruimtelijke planning verbonden was. Van Dyck werd na de aardappelraid op staande voet ontslagen. Het vernielen van andermans wetenschappelijk werk is een zware deontologische fout, zo verdedigde rector Mark Waer een omstreden beslissing die de academische wereld scherp verdeelde. Voor– en tegenstanders sloegen elkaar met verschillende principes om de oren: het recht op vrije meningsuiting versus de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek. Intussen staat Van Dyck opnieuw op de loonlijst van de KUL. Ze werd in december vorig jaar gerehabiliteerd door Rik Torfs, de nieuwe rector die de actie in Wetteren als een vorm van burgerlijke ongehoorzaamheid omschreef.

–       kijkt u uit naar het nieuwe proces?

 Van Dyck: “Het is dubbel. Ik ben blij dat het zover is, want na drieënhalf jaar is het tijd om deze pagina om te slaan. Maar ik voel ook de spanning, want er staat veel op het spel. De veroordeling in Dendermonde was totaal buitenproportioneel. Bendevorming, dat is een stok om criminele organisaties en maffiosi mee te slaan. Het is geen toeval dat verschillende specialisten mensenrechten aan de alarmbel hebben getrokken. Als dit vonnis overeind blijft, wordt het straks onmogelijk om nog te betogen of te staken, laat staan deel te nemen aan een actie van burgerlijke ongehoorzaamheid. Maar niet alleen het vonnis zit me dwars, ook de manier waarop het tot stand is gekomen. Een dag na onze actie heeft minister-president Peeters in een tv-interview verklaard dat dit voor hem absoluut niet door de beugel kon en dat we voor bendevorming zouden worden vervolgd. Op zich al uiterst bedenkelijk. Is het aan een politicus om zich in een gerechtelijk onderzoek te mengen? Blijkbaar hadden het parket en de rechtbank van Dendermonde de boodschap goed begrepen. In feite is dit pure intimidatie, een boodschap aan het middenveld. Wie daadkrachtig opkomt voor een menig die het establishment niet zint, weet wat hem te wachten staat”.

–       Daadkrachtig is een understatement. Bij de actie in Wetteren waren zo’n 500 FLM-militanten betrokken. Valt het vernielen van andermans eigendom, in casu een wetenschappelijke veldproef, onder de vrijheid van meningsuiting en vereniging?

Van Dyck: “Vernielen is zwaar overdreven. We hebben een twintigtal planten uitgetrokken, de proef is trouwens gewoon voort gezet. En we hebben geen geweld gebruikt, ook al werd dat nadien in de media anders voorgesteld. Natuurlijk werd er getrokken en geduwd. We hadden de actie aangekondigd, de politie was dus massaal aanwezig. Dan krijg je taferelen van activisten die over het hek klimmen terwijl agenten hen proberen tegen te houden. 20.000 euro schadevergoeding voor tien planten en een  hek, ook dat is een aanwijzing dat het vonnis vooral als afschrikking was bedoeld. En hoe ze dat bedrag hebben bepaald. Zelfs de tijd die enkele Gentse professoren aan media-interviews hebben besteed, wordt ons aangerekend. De zwaarste post in de schadeclaim van de burgerlijke partijen is de versterkte bewaking van het proefveld. Dat vind ik schandalig, want naar alle waarschijnlijkheid werd de bewaking integraal door BASF betaald”.

–       BASF is geen burgerlijke partij in het proces. Welke rol speelt het biochemisch bedrijf in dit verhaal?

Van Dyck: “In het proefveld stonden 108 biogenetische aardappelplanten. Vier daarvan waren van BASF, een feit waarover de publieke partners in het consortium rond de Universiteit Gent tegenstrijdige uitspraken hebben gedaan. Er hing al van meet af aan een waas van geheimzinnigheid over de rol van BASF, geen wonder dus dat het bedrijf zich geen burgerlijke partij heeft gesteld. Het consortium stelt de hele proef graag voor als fundamenteel wetenschappelijk onderzoek, zonder commerciële agenda. Maar wat stonden die BASF-aardappelen daar dan te doen? Dan moet je weten dat BASF al heel ver in de ontwikkelingsketen zit. In 2010 hebben ze zelfs een aanvraag ingediend om de ggo-aardappel Fortuna op de Europese markt te kunnen brengen. Ze hebben daar enkel van afgezien omdat de Europese consument niet op ggo-aardappels zat te wachten. Hoe dan ook, het hele wetenschappelijk opzet van de veldproef in Wetteren is twijfelachtig. In feite die meer met communicatie en lobbying dan met wetenschap te maken”.

–       Hoezo?

Van Dyck: “In Vlaanderen was er niemand bezig met GGO-aardappelonderzoek. De uitgangsaardappelen, het plantgoed waarmee de proef werd opgestart, kwamen niet eens uit Gent, ze werden aan de landbouwuniversiteit van Wageningen ontwikkeld. Het consortium is trouwens zelf bij Wageningen gaan aankloppen. Of ze niks voelden voor een proef in Vlaanderen? Natuurlijk hapte Wageningen toe, het is in Nederland al even moeilijk om ggo’s in open veld te testen als in België. Op de dag dat de eerste plant werd gepoot, verscheen er al een bord langs de E40 in Wetteren. “Hier groeien de aardappelen van de toekomst”. (lacht) Dat bord heeft het niet lang uitgehouden, maar het zegt veel over het publicitaire opzet. De proef moest er vooral komen om het ggo-debat aan te zwengelen, in de hoop de strenge wetgeving op termijn te versoepelen. In de Europese Unie geldt een algemeen verbod, voor iedere proef moet een uitzondering worden aangevraagd, wat in de ene lidstaat al vlotter gaat dan in de andere. De patat, symbool van de vaderlandse keuken, was de ideale hefboom om de geesten in beweging te brengen. De tijdsgeest leek mee te zitten, want vergeet niet dat de vorige Vlaamse regering biotech tot economische speerpuntsector heeft uitgeroepen.  Het aanzwengelen van het debat is wonderwel geslaagd, maar wellicht niet op de manier die ze hadden gewenst”.

–       Heel wat academici zien de zaak totaal anders. Tijdens de aardappelraid in Wetteren was er trouwens een tegenbetoging van Save our Science. De initiatiefnemers waren zelf betrokken bij de ggo-proef, maar ze kregen ook steun van wetenschappers die opkomen voor de vrijheid van onderzoek. Begrijp u hun woede over wat in hun ogen neerkwam op het saboteren van een wetenschappelijk experiment?

Van Dyck: “Jazeker. Ik twijfel niet aan de goede bedoelingen van de mensen die zo’n experiment opzetten. Toch blijf ik onze actie legitiem vinden. De vraag is: hoe kun je als actiegroep je stem in de samenleving verheffen? En belangrijker nog: hoe zorg je ervoor dat die stem ook wordt gehoord? Soms volstaat het een betoging te organiseren of een petitie te laten circuleren. Maar wat als je vaststelt dat je hardnekkig wordt gemarginaliseerd? Onze actie in Wetteren kwam niet uit de lucht vallen. Verschillende organisaties voeren al heel lang campagne om op de gevaren van ggo’s te wijzen. Men is dat vergeten, maar ook tien à vijftien jaar geleden werden in Vlaanderen al proefvelden aangelegd. Door privé-bedrijven, maar ze zijn er snel mee gestopt, onder meer omdat ook toen al verschillende velden werden vernield. Nu pakken ze het helemaal anders aan. Privé-bedrijven verschuilen zich achter de rug van universiteiten of hogescholen zodat ze hun proeven onder het mom van wetenschappelijk onderzoek kunnen verrichten. Het belang is uiteraard wederzijds, bedrijven zoals BASF zijn niet toevallig belangrijke sponsors van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie. Nog voor de start was er massaal protest tegen het experiment in Wetteren. We hebben meer dan 1.800 bezwaarschriften verzameld, allemaal tevergeefs. In België leveren de federale ministers van volksgezondheid en van leefmilieu de vergunning af, op advies van de bioveiligheidsraad waarin wetenschappers en ambtenaren zitten. Hun meningen waren verdeeld, drie experts waren tegen de proef. Omdat de gebruikte aardappelen niet voldoende waren getest op allergische, toxische of andere schadelijke effecten, maar ook vanwege de gebrekkige transparantie in het dossier. Vooral de BASF-planten waren een groot mysterie, de adviescommissie mocht zelfs niet weten over welke soort het precies ging. Toch heeft de minister de vergunning afgeleverd, zonder motivatie of verwijzing naar het voorbehoud van sommige leden van de bioveligheidsraad. Dat was een zware vormfout, reden waarom Greenpeace naar de Gentse rechtbank is getrokken.  Met succes, de vergunning werd illegaal verklaard maar de rechter vond het niet nodig te proef te doen stopzetten. Nogmaals: wat doe je als je vaststelt dat al het protest en alle bezwaren van tafel worden geveegd? Zo bekeken vind ik de actie in Wetteren perfect legitiem”.

–       Vijf dagen na de aardappelraid werd u door KUL ontslagen en belandde u in het oog van een mediastorm. Leerrijke ervaring?

Van Dyck: “Dat was niet prettig. Ik kreeg veel steun, maar ook beledigingen en haatmails. Meestal anoniem, maar ook niet altijd. Uiteraard raakt me dat, maar ik kan de kritiek wel kaderen. Als wetenschapper weet ik hoe de academische wereld in elkaar zit en begrijp ik de verontwaardiging van sommige collega’s. Het was vooral de publieke aandacht die ik heel erg moeilijk vond, zonder het te vragen was ik een symboolfiguur geworden, het gezicht van de ggo-campagne. Dat had ook positieve gevolgen. Ik werd met andere experts voor debatten gevraagd, en mocht lezingen geven voor middelbare scholieren en verenigingen. Zo bekeken is de actie in Wetteren een succes. We zijn erin geslaagd verschillende kwesties op de agenda te zetten. Zin of onzin van ggo’s in de eerste plaats maar ook de vraag of burgers in dit land nog actie mogen voeren. Tegelijk hebben we de discussie aangezwengeld over de rol van de universiteit. Mogen wetenschappers zich voor de kar van de industrie laten spannen? Moet wetenschappelijk onderzoek noodzakelijkerwijs een economische return genereren? Wij vinden van niet, de universiteit moet een vrijhaven zijn voor kritische en onafhankelijke geesten”.

–       De houding van de KUL is opmerkelijk. U werd ontslagen door rector Mark Waer maar opgevist door zijn opvolger Rik Torfs. Hoe kijkt u daarop terug?

Van Dyck: “Met blijvende verwondering. Drie dagen na de actie werd ik voor een informeel gesprek bij de rector ontboden. ‘U zult intussen wel afgekoeld zijn’, zei hij. ‘Vindt u het vernielen van andermans wetenschappelijk werk nog altijd een goed idee?’. Ik weet nog altijd niet zeker wat de bedoeling van dat gesprek was. Hoopte hij dat ik me zou verontschuldigen of publiek distantiëren van de actie? Dat vond ik een gekke vraag, tenslotte stond ik daar in Wetteren niet als KUL-medewerker maar als een burger die opkomt voor zijn mening. Twee dagen na dat gesprek was mijn ontslag een feit. Zonder boe of bah, ik heb het zelf uit de media moeten vernemen. Ik viel zonder inkomen, want na een gedwongen ontslag heb je geen recht op een uitkering. Die kreeg ik pas toen ik een procedure voor de arbeidsrechtbank had aangespannen. Voorwaardelijk, tot de uitspraak geniet je het voordeel van de twijfel. Voor alle duidelijkheid: de kosten voor advocaten of eventuele schadevergoedingen worden collectief gedragen, dat geldt trouwens voor alle elf beklaagden”.

–       U heeft de zaak voor de arbeidsrechtbank intussen stop gezet.

Van Dyck: “Dat was een voorwaarde om opnieuw aan de slag te gaan. In feite heeft Rik Torfs gewoon zijn verkiezingsbelofte gehouden. Tijdens de campagne had hij zich al afgezet tegen de manier waarop het rectoraat mijn zaak had afgehandeld. Hij stond daarmee niet alleen, binnen de KUL leefde veel onvrede over mijn ontslag. Voor Torfs was het sowieso een vervelende erfenis, een procedure tegen een ontslagmaatregel van zijn voorganger. Toch geloof ik niet dat hij louter door pragmatisme werd gedreven. Torfs heeft een andere visie op de universiteit, hij hecht meer dan zijn voorgangers belang aan de maatschappelijke rol van wetenschappers”.

–       Wat is er mis met ggo-onderzoek? De in Wetteren geteste knollen zijn resistent tegen phytophtora, de gevreesde aardappelziekte die hele oogsten om zeep helpt en die in de 19de eeuw verantwoordelijk was voor de Grote Hongersnood in Ierland.

Van Dyck: “Nu komen we bij de kern, zin of onzin van ggo’s. Kijk, ik heb niks tegen onderzoek naar de technologie. Op voorwaarde weliswaar dat bij de ontwikkeling consequent het voorzorgsprincipe wordt gerespecteerd. Daar heb je meteen al een probleem. De open veldproeven zijn in dit stadium onverantwoord, want we weten nog veel te weinig over de eigenschappen van die aardappelen. Het gaat dan niet alleen om de genetische karakteristieken, een plant is een complex organisme dat bovendien reageert op andere, even complexe organismen in de bodem. In feite moet er nog veel meer voorbereidend onderzoek in het lab gebeuren, maar onder meer vanwege de kostprijs neemt men de vlucht voorwaarts en initieert men een veldproef. Wie vragen stelt bij de risico’s, wordt de mond gesnoerd. Het is veilig omdat wij zeggen dat het veilig is. Die arrogantie leeft bij vele wetenschappers. Daar moeten we dringend van af, wetenschappers moeten aanvaarden dat mondige burgers kritische vragen stellen bij hun werk. En beta-wetenschappers moeten daarbij beseffen dat de wereld groter is dan hun laboratorium. De ggo-kwestie is niet alleen de zaak van biowetenschappers, de inbreng van filosofen, sociologen en economen is even belangrijk”.

–       Intussen gaan Amerika en Azië vrolijk verder met hun ggo-onderzoek en raakt Europa hopeloos achterop. In de Verenigde Staten wordt overigens al twintig jaar gensoja en genmaïs geconsumeerd. Zonder problemen voor de volksgezondheid…

Van Dyck: “Geen problemen? De vraag is op welke studie men zich baseert om die uitspraak te doen. Over de gevolgen van ggo’s voor de volksgezondheid bestaat vandaag nog geen wetenschappelijke consensus. Zo goed gaat het trouwens niet met de Amerikaanse volksgezondheid. Je kunt de problemen uiteraard niet rechtstreeks koppelen aan ggo’s, maar wel aan het landbouwmodel waar ze deel van uitmaken. De obesitas-epidemie is bijvoorbeeld een rechtstreeks gevolg van de eetcultuur die op haar beurt nauw samenhangt met sociale ongelijkheid, maar ook met de monopolies van enkele bedrijven in de productie en distributie van voedsel. Overigens, er zijn wel degelijk problemen met herbicideresistente soja en maïs, de twee voornaamste ggo-teelten in de VS en de rest van de wereld. Ook onkruid begint resistent te worden tegen producten als roundup, waardoor Monsanto en consorten zich verplicht zien steeds nieuwe onkruidverdelgers te bedenken. En wat de kloof met Europa betreft: ik begrijp dat het steekt. Vooral in Vlaanderen dat met professor Van Montagu en wijlen professor Schell twee absolute biotech-pioniers in huis heeft, twee onvermoeibare lobbyisten ook die mee aan de wieg van het VIB stonden. Er staan grote belangen op het spel. Het VIB is tot een cluster uitgegroeid, goed voor 1.200 hooggespecialiseerde banen. Het is een interuniversitair centrum, maar met een commerciële logica. Onderzoek moet opleveren, return on investment is heilig. Er wordt nauw samengewerkt met de industrie, de Vlaamse regering eist trouwens dat tegenover iedere geïnvesteerde euro belastinggeld een euro privé-kapitaal staat.  Uit het VIB is een hele reeks spin-offs geboren. Zodra zo’n spin-off wat succes kent, wordt het door een multinational opgekocht. Devgen door Syngenta, CropDesing door BASF, en zo is de cirkel rond”.

–       Zo werkt nu eenmaal onze markteconomie, en zo werkt ook technologische innovatie.

Van Dyck: “Klopt, maar ons punt is precies dat je de voedselproductie niet zomaar aan de wetten van de vrije markt kunt overlaten. Voedsel is meer dan koopwaar, de beschikbaarheid van veilig voedsel is een basisrecht. Daar zit ook ons probleem met ggo’s. De discussie gaat niet over technologie op zich, maar over de manier waarop we voedsel produceren en onze landbouw en bij uitbreiding de hele maatschappij organiseren. Lees de rapporten van de FAO, of luister naar de Belgische expert Olivier De Schutter die voor de Verenigde Naties de wereldwijde voedselveiligheid in kaart bracht. De agro-industrie is niet in staat de wereld te voeden, ze veroorzaakt bovendien enorme milieuproblemen en steunt volledig op fossiele brandstoffen. In plaats van energie te stoppen in ggo-onderzoek, moeten we dringend het roer omgooien. Transitie in de landbouw: we moeten ons voedsel zoveel mogelijk lokaal produceren, en inzetten op biodiversiteit. Onze actie in Wetteren was in feite een aardappelruiloperatie, we waren van plan ggo-planten te vervangen door varianten met een natuurlijke resistentie tegen aardappelschimmel. Ggo’s zijn ongewenst en overbodig, was de boodschap die we wilden brengen”.

–       Als dochter van een voormalig Agalev-kamerlid komt u uit een politiek nest. Nooit in de verleiding gestaan de ongevraagde maar reële mediabekendheid politiek te verzilveren?

Van Dyck: “Er zijn andere manieren om zich maatschappelijk te engageren. Actiecomités, burgerparticipatie, dat is waar ik in geloof. Maar het klopt wel dat ik mijn engagement met de paplepel heb meegekregen. Mijn ouders gingen heel bewust om met voedsel. We woonden op het platteland, ik was kind aan huis bij de boeren in het dorp. Van op de eerste rij kon ik zien hoe de agro-industrie steeds verder oprukte. Op de duur ga je vragen stellen. Is het normaal dat een zakdoekgroot land als België zich ontpopt tot ’s werelds grootste exporteur van diepvriesaardappelen? Idem voor de export van varkensvlees. Is het een goede zaak dat ze in Brazilië bossen kappen om ggo-soja te verbouwen waarmee al die Vlaamse varkens worden gevoed? Ik sta niet alleen met mijn kritische bedenkingen, dat blijkt trouwens uit het verzet tegen ggo’s. Niet alleen in België worden proefvelden vernield, ook in Italië, Frankrijk en Nederland. Overal kan het verzet op veel sympathie rekenen. Dat kan maar een ding betekenen: heel veel Europeanen willen geen ggo’s”.

 

foto: Tom Verbruggen

foto: Tom Verbruggen

Barbara Van Dijck

– 1979, groeit op in Malle. Moeder Leen Laenens was tijdlang kamerlid Agalev

– 2002: studeert in Gent af als bio-ingenieur met specialisatie bos en natuurbeheer

– 2003: Master management Rotterdam, studeert nadien nog ruimtelijke planning in Newcastle

– 2010: postdoctoraal onderzoeker KU Leuven

– 2011: op staande voet ontslagen door rector Mark Waer vanwege deelname aan actie Field Liberation Movement

– 2013: opnieuw werkzaam aan KUL na rehabilitatie door rector Rik Torfs

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.