Tagarchief: Al Qaeda

Iain Overton schrijft de geschiedenis van het zelfmoordterrorisme

“Er moet een VN-verbod op zelfmoordbommen komen”

Knack, 12 juni 2019

Het begon met een aanslag op de Russische tsaar in 1881, intussen staat de teller op 71.000 slachtoffers, and counting. Zelfmoordterreur is een gesel van de moderne tijd. Onderzoeksjournalist en oorlogsreporter Iain Overton schreef er een standaardwerk over. “Zelfmoordterreur is inherent aan asymmetrische oorlogsvoering”.

Iain Overton deinst niet terug voor een forse claim. How the Suicide Bomber shaped the Modern Age, luidt de ondertitel van zijn nieuwste boek. De Britse onderzoeksjournalist en mensenrechtenactivist maakt die stelling hard in een turf van 600 pagina’s, in vertaling verschenen als De Prijs van het Paradijs. Van gerichte aanslagen door 19de-eeuwse Russische revolutionairen tot blinde jihadterreur in Irak of Afghanistan, zelfmoordterrorisme heeft zich in de loop van de moderne geschiedenis ontpopt tot een oorlogswapen dat een zware tol eist. Vorig jaar vielen 7.000 doden en gewonden door zelfmoordaanslagen, in 2017 meer dan 11.000.

Overton neemt ons mee naar de plaatsen en gebeurtenissen die deze escalatie mogelijk maakten. Hij meet de schade op in landen zoals Libanon, Sri Lanka, Afghanistan en Irak, praat met slachtoffers, nabestaanden, mislukte zelfmoordterroristen en veiligheidsdiensten. Geen detail ziet hij over het hoofd, experts mogen uitleggen hoe de detonatie van een bompakket in een metrostel zelfs botfragmenten van de dader in moordende projectielen verandert. Ook Madrid, Londen, Parijs en Brussel komen aan bod, al zinken de aanslagen in Europese steden in het niets naast de plaag die het Midden Oosten en delen van Azië en Afrika teistert. De impact is er niet minder om. Overton ontmaskert de zelfmoordterrorist als aanjager van populisme en vrijheidsbeperkende wetgeving in het Westen. 

U heeft zich jarenlang verdiept in een buitengewoon teneerdrukkend onderwerp. Was het moeilijk om geen depressie over te houden aan zoveel leed, wanhoop en bloedvergieten?

Iain Overton: Zelfmoordterrorisme is inderdaad een deprimerend onderwerp, maar wie ben ik om te klagen? Een Britse journalist die altijd naar zijn veilige land terug kan als het hem teveel of te gevaarlijk wordt? Die luxe hebben de inwoners van Badgad, Mosul, Kaboel of Waziristan niet. De echte slachtoffers wonen in plaatsen waar de dreiging van zelfmoordterrorisme permanent in de lucht hangt.

Salafistische jihadi’s hebben sinds 9/11 een quasi monopolie op zelfmoordterreur, maar het fenomeen is veel ouder. Waarom laat u de chronologie beginnen bij de aanslag die Russische revolutionairen in 1881 op tsaar Alexander II pleegden? 

Overton: Die aanslag werd beraamd door Naradojna Volja, (Wil van het Volk), een van de vele revolutionaire groupuscules in het Rusland van die tijd. De samenzweerders zagen een zelfmoordaanslag als een efficiënte manier om hun utopisch ideaal, een samenleving gestoeld op democratische en communistische principes, te verwezenlijken. Het vermoorden van de tsaar was in hun ogen een humanere methode dan de massale, bloederige volksopstand die de Franse revolutie had gekenmerkt. Dat utopische denken zie je later bij andere zelfmoordterroristen terugkeren. De timing spoort bovendien met twee belangrijke innovaties, de uitvinding van dynamiet en de opkomst van kranten als massamedium. Explosieven en propaganda zijn nog altijd kerningrediënten van zelfmoordterreur.

Kamikaze tijdens WOII

Kamikaze behoren tot het collectieve geheugen van de 20ste eeuw, maar u slaagt erin fascinerende details op te rakelen. Zo lieten Japanse zelfmoordpiloten bij het opstijgen hun landingsgestel op de startbaan achter voor hergebruik. Niet meer nodig, het was immers geen retourvlucht. Belangrijker echter is de rol van katalysator die kamikaze speelden. Omdat zelfmoordterreur als oorlogswapen werd ingezet?   

Overton: Ja, het werd een onderdeel van een militaire strategie. Strikt genomen waren de Japanse generaals geen pioniers, er was een precedent dat ze maar al te goed kenden. Bij de Japanse invasie in China in 1937 wierpen Chinese soldaten zich als menselijke bommen op vijandelijke tanks en troepen. De Chinezen hebben toen zelfs met bomvesten geëxperimenteerd, een fenomeen dat intussen gemeengoed is geworden. Het waren echter de Japanners die zelfmoordterreur hebben getransformeerd. Het was niet langer een wapen in handen van geïsoleerde revolutionairen, maar een instituut. De hersenspoeling van kandidaat-aanslagplegers, de personencultus rond de goddelijke keizer voor wie men zijn leven moest opofferen, dat hebben zij op punt gesteld.

De Japanse zelfmoordterreur kwam niet alleen uit de lucht vallen, het wapen werd ook onder water ingezet. Waarom zijn de fukuryu in tegenstelling tot de kamikaze tussen de plooien van de geschiedenis gevallen?

Overton: Omdat ze geen rol van betekenis hebben gespeeld. Fukuryu staat voor  zelfmoordduikers. Verzwaard met lood en extra zuurstofflessen konden ze tot zes uur op de zeebodem blijven, in een hinderlaag of lopend naar een vijandelijk schip. Ze hadden een lange bamboestok met daarop een zeemijn. Als die ontplofte zonk niet alleen het schip maar waren ze zelf op slag dood. Bedoeling was de fukuryu in te zetten tegen de Amerikaanse invasie in Japan. Vrijwilligers werden klaargestoomd in geheime opleidingskampen, maar het is niet zeker of ze ooit echt in actie zijn gekomen. De Japanse marine had overigens ook zelfmoordduikboten, in feite menselijke torpedo’s. Daarvan staat vast dat ze meermaals werden ingezet.

De 13-jarige Iraniër Mohammad Hossein Fahmideh dook op 30 oktober 1980 met een ontgrendelde granaat tussen de rupsbanden van een Iraakse tank. U noemt deze daad een kantelmoment in de moderne geschiedenis. Hoezo?

Overton:  Zijn dood heeft een enorme impact gehad in het hele Midden-Oosten. Natuurlijk had het uitschakelen van die ene tank weinig invloed op het verloop van de Iraaks-Iraanse oorlog. De betekenis schuilt in de manier waarop de Iraanse leider Khomeini zijn dood heeft gerecupereerd. Fahmideh werd als martelaar hoog op een voetstuk geplaatst. Ziekenhuizen en scholen werden naar hem vernoemd, zijn beeltenis sierde een bankbiljet. Die martelarencultus schiep een geweldig precedent dat in de hele regio navolging kreeg. Vanuit Iran is de modus operandi overgewaaid naar Libanon, waar Hezbollah een tweede mijlpaal heeft geslagen. Door enkele zelfmoordaanslagen, onder meer met vrachtwagens, hebben ze Amerika en Frankrijk gedwongen hun troepen terug te trekken. Daarmee is een nieuw tijdperk aangebroken, ineens werd duidelijk dat zelfmoordterreur een probaat middel was om machtige regeringslegers op de knieën te krijgen. Dat besef heeft zich als een virus verspreid. Het duurde daarna niet lang of het wapen werd op twee nieuwe fronten ingezet, in Palestina en Sri Lanka.

Iraanse volksheld-martelaar Mohammad Hossein Fahmideh. Voor eeuwig 13 jaar.

U ging op onderzoek in Sri Lanka waar het een makkie bleek om ooggetuigen en slachtoffers te vinden. Tijdens de 25 jaar durende burgeroorlog waren zelfmoordaanslagen door Tamil Tijgers (LTTE) zoniet dagelijkse dan wel wekelijkse kost. Mogen we hen de ongekroonde kampioenen in deze discipline noemen?

Overton: Tot 9/11 was de LTTE alleszins de groep met het grootste aantal aanslagen en slachtoffers op haar palmares. De Tamil Tijgers waren geen vernieuwers, maar ze hebben de modus operandi verfijnd en de slagkracht van het terreurwapen vergroot. Er waren speciale eenheden voor zelfmoordmissies, de Zwarte Tijgers. Kandidaten stonden in de rij, het voluntarisme om te sterven voor een onafhankelijke Tamilstaat was groot. Onder Zwarte Tijgers werd zelfs geloot om als eerste op missie te mogen vertrekken. Dat is vooral de verdienste van de stichter Prabhakaran, een erg charismatische leider die net zoals de Japanse keizer het voorwerp was van een doorgedreven personencultus. Anders echter dan Hirohito onderhield hij met zijn kandidaat-martelaren een persoonlijke relatie. Zo mochten ze aan de vooravond van hun missie bij de grote leider aanschuiven voor een afscheidsdiner.  Prabhakaran zorgde voor hun nagedachtenis, er waren ereperken en monumenten voor gesneuvelde Zwarte Tijgers, de propaganda roemde hun heldendaden. Om dat fenomeen te snappen moet je de context kennen. Het zelfmoordterrorisme van de Tamil Tijgers hield gelijke tred met de repressie door het regeringsleger.

De burgeroorlog eindigde in 2009 met de totale nederlaag van de Tamil Tijgers. Toch werd Sri Lanka recent opnieuw door een reeks zware zelfmoordaanslagen opgeschrikt. De rolbezetting was verschillend, het waren jihadstrijders die de christelijke minderheid viseerden. Ziet u desalniettemin een verband met de bloedige erfenis van de Tamil Tijgers?

Overton: Vooral de verschillen springen in het oog. De aanslagen op Paaszondag waren religieus geïnspireerd en gericht tegen burgers. De Tamil Tijgers daarentegen voerden een nationalistische strijd met aanslagen op politici, militairen en veiligheidsdiensten, al zijn er ook burgerslachtoffers gevallen. Maar ik zie wel een verband. Zodra zelfmoordterreur in een samenleving als een valabele optie wordt gezien om een politiek doel te bereiken, krijg je het niet meer weg. De geest is uit de fles, daar hebben de Tamil Tijgers wel voor gezorgd.

De recente aanslagen in Sri Lanka werden door Islamitische Staat opgeëist. Door extremistische soennieten dus, zoals meer dan 90 procent van alle zelfmoordaanslagen die sinds 9/11 werden gepleegd. Hoe zijn we op dat punt beland?

Overton: Daarvoor moeten we terugkeren in de tijd, naar een afgelegen plek in Zuid-Libanon met de lieflijke naam Bloemenweide. Tijdens de eerste intifada in 1987 heeft de Isräelische premier Yitzhak Rabin meer dan 400 Palestijnse activisten naar die plaats gedeporteerd. Een dure vergissing, want er zaten aanhangers van Hamas en Islamitische Jihad tussen die binnen kortste keren contact zochten met Hezbollah-strijders. Daar heeft zich de transfer voltrokken: soennitische extremisten leerden niet alleen de technieken van het zelfmoordterrorisme, ze namen in een moeite het sjiïtische concept van martelaarschap over. De gevolgen bleven niet uit: sinds 1994 werden in Israël liefst 114 zelfmoordaanslagen gepleegd, de helft door Hamas, de andere helft evenredig verdeeld over Islamitische Jihad en de Al Aqsa Brigade. De aanslagen waren tegen burgers gericht, alweer een grens verlegd. Achteraf bekeken is die transfer erg ironisch. Sjiieten zijn gaandeweg het voornaamste slachtoffer geworden van zelfmoordaanslagen door soennitische extremisten.

Hoe vallen zelfmoordaanslagen te rijmen met het taboe op suicide in de moslimwereld?

Overton: Door het niet als zelfmoord maar als martelaarschap te verpakken. Istishad, het concept dat moslims toelaat om hun leven op te offeren in de strijd, bestaat zowel in het sjiisme als in het soennisme. Toch is er een belangrijk verschil. In het sjiisme kijken ayatollahs streng toe op de interpretatie en toepassing van religieuze principes. Dat gezag bestaat niet in het soennisme waar duizenden imams hun eigen interpretatie van de basisregels volgen. Daarmee staat de doos van Pandora open: een kleine minderheid van soennitische geestelijken propageert een extremistische lezing waarvoor ze inspiratie zoeken bij middeleeuwse theologen. Zoals Ibn Tamiyah, een van de huisfilosofen van zowel IS als van de in 2006 gesneuvelde Al Qaida-leider Al Zarqawi. Ibn Tamiyah wordt door soenni-extremisten vaak geciteerd om de jihad tegen afvallige burgers zoals sjiieten te vergoelijken.

Al Qaida, Al-Shabaab, Al-Nusra, Taliban, Boko Haram, de grootleveranciers van zelfmoordterreur zijn merken met wereldfaam geworden. Een groep springt eruit: Islamitische Staat. Wat maakt die beweging zo bijzonder?

Overton: De apocalyptische wereldvisie. Sterven in de strijd is voor IS-aanhangers slechts een voorafname op het einde van de wereld. Ze maken zich daar een romantische voorstelling van. Op het donkerste uur, wanneer de nederlaag op het slagveld onafwendbaar lijkt, zal de profeet Jezus op de minaretten van Jeruzalem verschijnen om het einde der tijden af te kondigen. Paradoxaal genoeg spoorde dat vooruitzicht met de aantrekkingskracht die het wereldse kalifaat uitoefende, ook op geradicaliseerde moslims uit Europa. In afwachting van de apocalyps bood het rijk van Al Bagdadi hen de kans om ondermaans een waardig leven als vrome moslim te leiden.

IS hecht meer dan andere terreurbewegingen belang aan communicatie en propaganda. De video is even belangrijk als de aanslag. Waarom zet IS zijn gruweldaden zoals het levend verbranden van een Jordaanse piloot dik in de verf?

Overton: Islamitische Staat is samen met de sociale media groot geworden. Logisch dat ze dat kanaal voluit bespelen. Waarom liggen in Londen of Brussel jonge moslims wakker van geallieerde bombardementen in verafgelegen landen zoals Irak of Afghanistan? Omdat IS de beelden van de verhakkelde slachtoffers in hun gezicht duwt. Het verspreiden van gruwelvideo’s is geen IS-monopolie, Mexicaanse drugkartels gaan zo mogelijk nog verder. Intimidatie om hun territorium af te bakenen, maar bij IS speelt nog een motief. Ook Europa heeft een verleden van gruwelijke rechtspleging, met foltering en openbare executies. Vanaf de 18de eeuw is dat stilaan geëvolueerd. Executies werden minder wreed, verdwenen uit de openbaarheid, tot in de 20ste eeuw de doodstraf helemaal werd afgeschaft. Welnu, IS verwerpt dat Westerse concept van rechtsbedeling. Dat is de boodschap achter al die onthoofdingsvideo’s: wij staan voor een islamitische visie op schuld en boete.

Mohamed Atta. Gedreven door een apocalyptisch wereldbeeld

Bestaat er zoiets als een prototype van de zelfmoordterrorist?

Overton: Nee, maar ik doe wel enkele vaststellingen. Op een handvol uitzonderingen na gaat het om mannen, veelal twintigers. Europese zelfmoordterroristen zijn gemiddeld genomen hoog opgeleid, wat niet belet dat ze vaak met werkloosheid kampen. Dat is niet per se het gevolg van discriminatie. Regulier werk valt moeilijk te combineren met een consequent leven als salafistische moslim. Het belang van persoonlijkheidsfactoren valt moeilijk in te schatten. Door het taboe op suicide kan istishad voor depressieve moslims het pad naar zelfmoordterrorisme effenen. Toch zal de overgrote meerderheid van depressieve moslims zo’n stap nooit overwegen. Palestijnen en Tibetanen zitten min of meer in dezelfde, uitzichtloze situatie. Palestijnen plegen zelfmoordaanslagen, Tibetanen steken zichzelf in brand. Ik wil maar zeggen, groepsdynamieken zijn veel relevanter dan individuele kenmerken.

Wat is er aan van het cliché van de 72 maagden? Werkt dat echt als lokaas voor kandidaat-zelfmoordterroristen?

Overton: Het is niet helemaal uit de lucht gegrepen. Als je in het Midden-Oosten langer dan tien minuten met mannen praat, stel je vast dat ze een pornografische fixatie hebben. Hun beeld op vrouwen en seks komt recht uit de XX-studio’s van Californië. Natuurlijk zijn er daders die van die 72 maagden geen snars geloven en zich toch opblazen. Maar voor laagopgeleide jongeren die verbitterd zijn over onrecht, kan het een aantrekkelijk idee zijn dat hen over de streep trekt. Het perspectief krijgt extra kleur door de mythes die erover rondgaan. Op het moment dat de bomvest ontploft, schieten de maagden in actie om het uiteengereten lichaam van de martelaar weer samen te stellen. Die maagden zijn bloedmooi, menstrueren nooit en staan altijd klaar om hun martelaar te bedienen.

Komt de wereld ooit nog af van deze gesel?

Overton: Ik vrees van niet. Alleen al vorige week (eind mei, nvdr) waren er zelfmoordaanslagen in Bagdad, Afghanistan en Indonesië. Vele aanslagen blijven onder de radar, ze spelen zich af in landen waar nauwelijks nog media opereren. Het succes van zelfmoordterreur hoort bij de  asymmetrische oorlogsvoering die ons tijdperk kenmerkt.

Wat bedoelt u?

Overton: De geallieerden vechten in Irak en Afghanistan met vliegtuigen en drones. Wat kunnen hun vijanden tegen die hightech inbrengen? Improvised Explosive Devices, een wapen waarvan de menselijke variant met de bomvest veruit de dodelijkste variant is. Het is een dialectisch proces. Het succes van bermbommen en zelfmoordaanslagen verklaart waarom Amerikanen en Britten in Irak en Afghanistan zo weinig mogelijk patrouilles uitsturen. Ze verschansen zich in zwaar beveiligde kampen en sturen drones uit voor precisiebombardementen en gerichte executies. Dat willen ze ons doen geloven, maar als onderzoeksjournalist ken ik een andere realiteit. Het zijn in grote meerderheid burgers die omkomen bij die zogenaamd chirurgische aanvallen. Dat is dan weer koren op de propagandamolen van IS en consorten die het contrast gretig benadrukken. De operator die vanuit zijn bunker in Nevada onschuldige burgers vermoordt, tegenover de man met de bomvest die zijn leven geeft voor de oemma. Wie is de held en wie de lafaard? Ik heb samen met onderzoekers van de Royal Holloway University een statistische analyse gemaakt van drone-aanvallen en zelfmoordaanslagen in Pakistan. De correlatie is duidelijk. In de maand na een drone strike ging het aantal zelfmoordaanslagen steil omhoog.

U pleit voor een VN-ban op zelfmoordbommen. Waarom is dat minder naïef dan het klinkt?

Overton: Het wordt hoog tijd dat de VN de ernst van dit probleem erkent. Er is heel veel aandacht voor antipersoonsmijnen. Terecht, maar die wapens claimen slechts 2 procent van de slachtoffers in conflictgebieden, terwijl dat bij zelfmoordterreur rond de 30 procent schommelt. Ik geloof in de stigmatiserende werking van zo’n wereldwijd verbod. Gas was in de Eerste Wereldoorlog een efficiënt wapen, en toch is het door ethische overwegingen in onbruik geraakt.

Iain Overton

Groot-Brittanië, 46 jaar

studeert internationale politiek in Cambridge

maakt als onderzoeksjournalist televisiedocumentaires voor BBC en Channel 4

wordt in 2010 de eerste directeur van Bureau of Investigative Journalism, een non-profit nieuwsagentschap dat onder meer de Wikileaks-logs over de Irak-oorlog onderzocht

publiceert in 2015 “Gun Baby Gun”  over de geschiedenis van vuurwapens

oprichter en leider van Action on Armed Violence, een NGO die de wapenindustrie monitort

De prijs van het Paradijs, 2019, Uitgeverij Volt, 600 pagina’s, 24,50 euro

Terreurexperte Jessica Stern: “IS is de chrystal meth van de terreur”

De Standaard, 13 april 2015

De onthoofdingsvideo’s heeft ze niet bekeken, maar de Amerikaanse terreurexpert Jessica Stern heeft zich wel diep gebogen over de geschiedenis en ideologie van Islamitische Staat. Samen met Twitter-exegeet JM Berger schetst ze een verhelderend beeld van een unieke beweging die het kalifaat ziet als opmaat tot de Apocalyps.

foto: website Jessica Stern

foto: website Jessica Stern

Het regende de voorbije maanden boeken over jihad en salafisme. Met ‘IS. Staat van terreur’ leveren Jessica Stern en JM Berger een uiterst lezenswaardige bijdrage aan het nog jonge genre. De auteurs zijn dan ook niet de minsten. JM Berger, correspondent van Foreign Policy, gespecialiseerd in terreur en sociale media, schreef eerder ‘Jihad Joe, Americans go to war in the name of God’.  Jessica Stern, bekend van ‘Terreur in de naam van God’ , is terrorisme-expert in Harvard en adviseur nationale veiligheid aan de befaamde Hoover Institution. We ontmoetten haar in een zonovergoten Amsterdam waar gelukzalige toeristen de Grachtengordel onder de voet lopen. Het contrast met ons grimmige onderwerp kan niet groter zijn.

–  never a dull moment in the Middle East. Ook Jemen is ten prooi gevallen aan sectair geweld tussen sjiïeten en soennieten. Heeft IS ook daar een voet aan de grond?

Jessica Stern: “Meer dan waarschijnlijk. Jemen is net als Libië een mislukte staat, de perfecte humus. IS heeft alleszins de zware bomaanslagen op twee sjiitische moskee in Sanaa opgeëist. Als die opeising klopt, dreigt een tweede Syrië-scenario. Zowel Al-Qaeda, dat al heel lang in Jemen actief is, als IS vechten dan tegen de door Iran gesteunde Houthi-rebellen. Tegelijkertijd echter leveren zo ook onderling strijd, precies zoals in Syrië”.

– het verdrijven van IS uit Kobani werd door heel wat waarnemers als een kantelpunt gezien. IS, zo werd gehoopt, verkeerde in een crisis. Voorbarige conclusie?

“Absoluut, IS heeft al meermaals blijk gegeven van een grote veerkracht. De groep zat achter de recente aanslag in Tunesië, en twee weken geleden hebben ze een Palestijns vluchtelingenkamp vlakbij Damascus overrompeld. Maar belangrijker nog: de voorbije maanden hebben een dertigtal jihadistische bewegingen trouw aan IS-leider Abu Bakr Al Baghadi gezworen. Het ging veelal om obscure, lokale groeperingen, maar ook het Nigeriaanse Boko Haram heeft zich in maart officieel achter IS geschaard. Voor Al Baghdadi is dat heel belangrijk, want hij ziet in Afrika een enorm potentieel voor het uitbreiden van zijn invloed en territorium. De Somalische Al Shabaab hoort voorlopig nog in het kamp van Al-Qaeda, maar ook daar lopen geruchten over dissidenten en scheurbewegingen die zich bij IS willen aansluiten”.

– u gaat diep in op de verschillen tussen Al-Qaeda en IS. Ze delen dezen dezelfde oorsprong, allebei belijden de salafistische jihad. Waar zitten de tegenstellingen?

“IS is nog veel extremer en gewelddadiger dan Al Qaeda. De manier waarop ze geweld gebruikt is ongezien in de geschiedenis, daarom noem ik IS de chrystal meth van het terrorisme, ze verspreiden terreur in zijn puurste vorm. Niet alleen onthoofden ze gijzelaars, ze filmen de onthoofding en gebruiken de beelden om vrijwilligers te ronselen. Ook het sectaire karakter is uniek. IS doodt aan de lopende band moslims. Niet alleen sjiietten, maar ook soennieten die niet leven volgens de extreme en vaak bizarre regels die een vrome moslim volgens IS hoort te respecteren”.

–  naast IS lijkt Al Qaeda haast een sympathieke club…

(lacht) “Ja, het is ver gekomen wanneer we Al Nusra in Syrië als een matigende factor gaan beschouwen. Natuurlijk is en blijft Al-Qaeda een extremistische terreurbeweging met een indrukwekkend palmares van bloed en gruwel. Toch is er een verschil dat teruggaat tot de oorsprong van IS. We zijn dat vergeten, maar die organisatie is gegroeid uit het Iraakse filiaal van Al-Qaeda, dat op zijn beurt is ontstaan als een reactie van gefrustreerde soennieten op de Amerikaanse invasie. Abu Musab al-Zarqawi, de leider van wat toen nog Al-Qaeda Irak (AQI) heette, heeft in 2004 zelfs trouw gezworen aan Bin Laden. Nochtans lagen die twee elkaar absoluut niet. Bin Laden was een intellectueel van rijke komaf, Zarqawi een onbehouwen bruut, een getatoeëerde bajesklant die de islam had omarmd om zich te zuiveren. Zarqawi werd al in 2006 door de Amerikanen gedood, maar in de korte tijd als AQI-leider heeft hij de methodes ontwikkeld die IS nog altijd toepast. De onthoofdingen, het filmen van executies, de sectaire moorden, het hele gamma. Bin Ladens opvolger Al Zwahiri heeft zowel Zarqawi als diens opvolgers herhaaldelijk bekritiseerd, vooral vanwege het sectaire geweld. Toch is de breuk pas definitief geworden toen de huidige IS-leider al Baghdadi in 2011 besloot om zich in de Syrische burgeroorlog te mengen.  Sindsdien leveren Al-Qaeda en IS een strijd van leven en dood voor de jihadistische hegemonie in het Midden Oosten”.

–  wie wint?

“Al Qaeda blijft een factor van belang, maar IS heeft duidelijk de bovenhand. Het uitroepen van een kalifaat op 1 juli vorig jaar was een meesterzet, daarmee hebben ze hun rivalen veel wind uit de zeilen gevangen. De mediaoorlog hebben ze sowieso gewonnen, IS zuigt alle aandacht naar zich toe. Al–Qaeda kennen we van saaie filmpjes met een  oeverloos speechende Bin Laden of Zawahiri in de hoofdrol. Niks daarvan bij IS, daar weten ze alles van storytelling. Hun films zijn pure Hollywood, gepimpt met gametechnieken. Ook in hun gebruik van sociale media, Twitter in het bijzonder, lopen ze mijlen voor op Al-Qaeda”.

–  u noemt Al Qaeda elitair, terwijl IS een populistische koers vaart. Hoezo?

“Al-Qaeda heeft zichzelf altijd als een voorhoede beschouwd. IS daarentegen legt de drempel laag. Iedereen die gezond is van lijf en leden, wordt uitgenodigd om het kalifaat te vervoegen en aan de jihad deel te nemen. Sterker nog, de hidjra wordt als een heilige plicht voorgesteld, ook voor vrouwen trouwens. Dat houdt natuurlijk verband met hun apocalyptische eschatologie. Het einde der tijden is nabij, en zal volgens de profetieën gepaard gaan met een beslissende slag tegen de ongelovigen. Versta daaronder de sjiïeten, maar ook Westerlingen. In dat plaatje pas het koketteren met extreem geweld. IS wil maximaal polariseren om die finale confrontatie uit te lokken”.

– intussen probeert IS in het ondermaanse een ideale staat uit te bouwen. Waarom al die moeite als de Apocalyps toch nabij is?

“Dat lijkt paradoxaal, maar ze slagen erin het kalifaat in hun narratief te passen, als opmaat tot de Apocalyps. Kijk, een beweging zoals IS kun je nooit helemaal met onze Westerse logica begrijpen. Komt daarbij dat IS minder homogeen is dan van buitenaf lijkt. Duizenden aanhangers van Saddam Hoesseins Ba’ath-partij, een seculiere organisatie nota bene,  hebben zich bij IS aangesloten. Ze werden met open armen ontvangen, velen bekleden sleutelposities bij IS, ook al omdat ze militaire en organisatorische capaciteiten bezitten die de organisatie goed kon gebruiken”.

–       heeft u tijdens de research de vele executievideo’s bekeken?

“Gelukkig kon ik dat aan mijn medeauteur J.M Berger overlaten. Voor we aan dit boek begonnen kende ik hem alleen als Twitter-fenomeen. Berger leeft zowat online, hij volgt dag en nacht al wat er aan extremisme beweegt op de sociale media, hij heeft er zelfs software voor ontwikkeld. Bleek dat hij bij mij om de hoek woonde, in Cambridge-Boston. Hij kijkt dus naar al die filmpjes en laat er zijn slaap niet voor. Ik zou het niet kunnen. In de middeleeuwen was onthoofden een manier om iemand efficiënt te executeren. Zo wordt het trouwens in Saoudi-Arabië nog altijd bedreven. Op zich al vreselijk genoeg, maar bij IS gaat de horror nog veel verder. Ze hebben helemaal niet de bedoeling om snel en pijnloos te executeren. Integendeel, ze laten het zo lang mogelijk duren zodat ze de gruwel extra hard van het beeld spat”.

– hoe moet het Westen met IS omgaan?

“Isoleren, beletten dat ze hun extreme ideologie verspreiden. Intelligence is het belangrijkste wapen, de sociale media het voornaamste slagveld. We mogen ons niet laten provoceren om in hun val te trappen. IS wil namelijk niets liever dan in Syrië een oorlog met het Westen beginnen. Militair ingrijpen, dat hebben we in het Midden Oosten al een paar gedaan. Irak noch Libië zijn er beter van geworden. Als we toch militaire middelen inzetten, dan alleen ter ondersteuning van een politiek of diplomatiek proces. Zo moeten we in Irak dringend het vertrouwen van de Soennieten terugwinnen, het was een kolossale fout hen uit te leveren aan de revanchistische politiek van president Maliki en zijn sjiitische bendes. Syrië is een ander verhaal, ik denk niet dat het Westen daar veel invloed heeft. Het geeft alleszins geen pas IS te bombarderen terwijl we een bloeddorstige dictator als Assad ongemoeid laten”.

‘IS. Staat van Terreur’, Jessica Stern en J.M Berger, De Bezige Bij, 432 pag, 22,90 euro

Een Vlaamse Norbertijn in de Syrische burgeroorlog

interview pater Daniël Maes die er een  uitgesproken mening over de Syrische burgeroorlog op nahoudt. (Knack, 4 september 2013)

Drie jaar geleden verruilde pater Maes de abdij van Postel voor het klooster Mar Yakub in Syrië. Leven in gemeenschap heeft een nieuwe dimensie gekregen, nu hij door het geweld geen voet meer buiten zet. Tussen de voorbereidingen op een Amerikaanse luchtaanval door, deelt hij niet alleen zijn ervaringen maar ook zijn sympathie voor het Syrische regime. “Dit is geen burgeroorlog, maar een conflict dat van buitenaf werd geïmporteerd”.

Daniël Maes

Daniël Maes

Telefoneren of skypen was technisch onmogelijk, en hem opzoeken in zijn Syrische klooster helemaal ondenkbaar. De Vlaamse Norbertijn Daniël Maes ( 75) woont al drie jaar in Qâra, halfweg tussen Damascus en Aleppo.  Geen doorkomen aan, zelf waagt hij zich al maandenlang niet meer buiten de kloostermuren. Een interview? Kon alleen per e-mail, een communicatievorm die slechts bij vlagen door het oorlogsgeweld wordt verlamd. Hij zou zijn antwoorden uiterlijk zaterdagavond sturen, maar de brandende actualiteit gooit roet in het eten. Het heeft er die zaterdag namelijk alle schijn van dat de Amerikanen binnen de 24 uur kruisraketten op Syrië zullen afvuren, als vergeldingsactie voor de aan het regime toegeschreven gifgasaanval op een door rebellen gecontroleerde buitenwijk van Damascus. Het zal een dag later worden, mailt hij zaterdagmiddag wat laconiek, hij moet eerst zijn gemeenschap in veiligheid brengen…

Die gemeenschap behoort tot de Melkitische ofte Grieks-Katholieke kerk, onderworpen aan Rome, maar trouw aan de Byzantijnse ritus en de Gregoriaanse kalender. Het klooster, gewijd aan Sint-Jacob de Verminkte, werd in 1993 door de Frans-Libanese karmelietes Mère Agnès-Mariam gesticht. Recent dus, maar wel op een plek die kerkgeschiedenis ademt. Deir Mar Yakub verrees op de ruïnes van wat in zesde eeuw het belangrijkste klooster van het Midden Oosten was.

Wat dreef u als Vlaamse Norbertijn naar een klooster in Syrië?

Maes: “Ik had Mère Agnès-Mariam op een oecumenische bijeenkomst leren kennen. Ze is een fascinerende vrouw, ik heb haar voor enkele lezingen naar België uitgenodigd. In 2010 ben ik dan voor twee maanden naar Deir Mar Yakub getrokken, voor mij een moment van monastieke herbronning. Het hele project sprak me geweldig aan: Mère Agnès-Mariam was met een handvol medezusters bezig op de ruines van een historisch klooster een oecumenische ontmoetingsplaats te bouwen, een soort Taizé van het Midden Oosten. Toen ze me in 2011 vroeg of ik in Mar Yakub een priesterseminarie wilde beginnen, heb ik niet getwijfeld. We zijn met vier jonge mannen met een voorbereidend jaar gestart. Helaas, door de veiligheidssituatie ligt de vorming stil en hebben drie van de vier het klooster moeten verlaten”.

Bij uw aankomst was de Arabische Lente nog niet begonnen, en ook na het uitbreken van de revoluties in Tunesië en Egypte leek Syrië een toonbeeld van stabiliteit. Ooit gedacht dat het zover kon komen?

Maes: “Nee. Toen ik vertrok had ik zoals alle Westerlingen een hoop vooroordelen. Syrië was een typisch Arabisch land, waar een autoritair regime alle touwtjes in handen hield en waar geen respect bestond voor de rechten en vrijheden van burgers. Maar van dat democratisch tekort heb ik weinig gemerkt, in mijn persoonlijk leven noch in mijn omgeving. Zolang men niet aan politiek deed en geen openlijke kritiek op de president gaf, waren er geen problemen. Wat ik daarentegen wel ontdekte was een warme, veilige en vrij welvarende maatschappij, een land waar onder de vleugels van de eenheidspartij verschillende gemeenschappen en religies harmonieus samenleefden. Letterlijk zelfs, want in heel wat families zijn verschillende religies vertegenwoordigd. Ik heb die verdraagzaamheid zelf ondervonden, als katholiek priester was ik overal even welkom. Of het nu christelijke, soennitische of alevitische families waren, overal werden koffie en Arabische zoetigheden geserveerd. Deze burgeroorlog is dan ook geen volksopstand, het gaat om een conflict dat door een aantal Westerse en Arabische landen en groeperingen werd geïmporteerd”.

Hoezo?

Maes: “De Verenigde Staten hebben hun antipathie voor de Syrische regering nooit verborgen, wellicht vanwege de banden met de Hezbollah en met het sjiitische regime in Iran. Ik heb het conflict letterlijk zien ontstaan. In navolging van de zogenaamde Arabische lentes heeft men van buitenaf het vuur aan de lont gestoken door bevolkingsgroepen tegen elkaar op te hitsen. Ik wil de opstandelingen niet allemaal over dezelfde kam scheren. Er is een grote groep weldenkende burgers die het beste met dit land voorheeft. Helaas zijn ze hopeloos verdeeld en totaal niet opgewassen tegen de “versterking” die ze hebben gekregen, in de vorm van de goed getrainde Al Qaida strijders en fanatieke salafisten die alle andersdenkenden willen elimineren. Het is totaal onbegrijpelijk hoe het Westen en zijn media deze gruwelen in Syrië onderschatten terwijl diezelfde salafisten overal ter wereld als een gesel worden bestreden en hun aanhangers in gevangenissen zoals Guantánamo worden opgesloten”.

Wordt het klooster door salafistische milities bedreigd?

Maes: “Het wemelt in de streek van de fanatieke strijders. De bevolking van Qâra is zowat verviervoudigd, vooral door de instroom van rebellen die uit Damascus en Aleppo werden verjaagd. In de centrale moskee worden af en toe tirades tegen ons afgestoken. Op een vrijdagavond hoorden we een salafistische predikant oproepen dat er in Syrië geen plaats was voor ongelovigen. Even later stond een bende heethoofden klaar om het klooster aan te vallen. Het waren bange uren, maar gelukkig werden ze tegengehouden door  de locale bevolking die aan onze kant staat. We nemen zeer strikte veiligheidsmaatregelen in acht, in feite leven we in een soort familiale gevangenis. Niemand komt nog buiten de kloostermuren, niet op onze eigen akkers, noch in de binnentuin en zelfs niet op het dak. De ramen in de refter zijn met zandzakken bedekt, het lijkt hier wel de Eerste Wereldoorlog. We liggen tamelijk letterlijk in de vuurlinie. Het klooster werd al drie keer door raketten getroffen, telkens bij een aanval van het leger op de rebellen. Gelukkig is er tot dusver alleen materiële schade”.

De gifgasaanval van 21 augustus blijft controversieel. Heel wat elementen wijzen in de richting van het Syrische leger, Amerika zegt zelfs harde bewijzen te hebben dat het regime verantwoordelijk is. U twijfelt daaraan. Op welke gronden?

Maes: “Eerst en vooral dit: ik vind het onbegrijpelijk dat er al een oordeel werd geveld, terwijl de VN inspecteurs nog aan hun rapport moesten beginnen. Iedereen heeft recht op een eerlijk proces, dat is een basisregel in iedere democratische rechtstaat. Ik heb met heel wat mensen over deze zaak gepraat. Iedereen stelt zich hier dezelfde vraag: welk belang kon Assad bij die gifgasaanval hebben? Zo’n aanval uitvoeren, onder de neus van de VN -onderzoekscommissie die net in Damascus was neergestreken? Zo dom is Assad heus niet, temeer omdat hij aan de winnende hand is. Want iedereen weet dat de rebellen de voorbije maanden zwaar in het defensief werden gedwongen. Ze hebben dringend nood aan buitenlandse steun, en precies daarom komt die gifgasaanval hen zo gelegen. Ach, het past allemaal in een scenario dat Obama vorig jaar al heeft uitgetekend, toen hij zijn fameuze rode lijn trok. Het argument dat de rebellen niet over de nodige expertise voor zo’n chemische aanval beschikken, is onzin. De salafistische milities zijn goed getraind en bewapend, bovendien hebben ze al bewezen wat ze in hun mars hebben. Niemand minder dan Carla del Ponte, lid van de VN onderzoekscommissie voor de mensenrechten in Syrië, heeft enkele maanden geleden verklaard dat er sterke aanduidingen zijn dat de rebellen in Kahn el Assal gifgas hebben gebruikt. En hoe reageerde het Westen? Door de goede naam van mevrouw Del Ponte te besmeuren”.

Hoe komt het dat de meeste van de zowat drie miljoen Syrische Christenen openlijk met het regime van Bashar al-Assad sympathiseren?

Maes: “Ze hebben veel te verliezen,  zoals alle Syriërs trouwens. Bij het begin van de oorlog ben ik even naar België teruggekeerd. In de pers verschenen dagelijks karikaturen van Assad, een dictator wiens handen letterlijk dropen van het bloed. Dat is geen informatie maar manipulatie. Ver van mij om Syrië een ideale staat te noemen. De president en zijn Baathpartij monopoliseerden ongeveer alle macht, de grootste bedrijven waren in handen van zijn familie. Corruptie is hier een structureel kwaad, dat heeft Assad zelf gezegd. Over het democratisch tekort had ik het eerder al. Openlijk kritiek leveren kon al een reden zijn om opgepakt te worden. Anderzijds stond het regime garant voor veiligheid, godsdienstvrijheid en gelijke rechten van mannen en vrouwen. Door de strakke prijscontrole was het leven goedkoop, onderwijs en gezondheidszorg waren zelfs gratis. Assad had bovendien zijn schouders gezet onder grondige hervormingen, met een nieuwe grondwet en een parlementair meerpartijenstelsel als eindpunt. Dat proces werd door de bevolking gedragen, ook door de moslims. Maar het Westen wil dat allemaal niet zien. Erger nog, ze proberen de hervormingen te boycotten. Syrië moet en zal worden ontwricht en ‘gelibaniseerd’, opgedeeld in stukken die door verschillende gemeenschappen worden gecontroleerd. Voor de christenen, die hier altijd de rol van bindmiddel in de samenleving hebben gespeeld, zal daarbij geen plaats meer zijn. Nu al zijn 430.000 christenen op de vlucht voor het geweld, velen bevinden zich in buitenlandse kampen”.

Kan de val van Assad het einde van de burgeroorlog bespoedigen?

Maes: “Dat willen we in het Westen graag geloven. Maar hebben de val van Moebarak en Kadhafi iets opgelost? Is Libië nu een paradijs voor de westerse democratie? Tienduizenden  doden, een verwoest land dat zo werd ingericht dat de verschillende bevolkingsgroepen elkaar blijven uitmoorden, een goudmijn voor de wapenindustrie.  Dat België daar heeft aan meegewerkt, vind ik nog altijd beschamend. Of zullen we het over Irak hebben? De Amerikaanse invasie zou vrijheid brengen, maar het resultaat is chaos en terreur met honderdduizenden slachtoffers. Een van de oudste beschavingen ter wereld werd compleet vernietigd, en de christelijke gemeenschap is nagenoeg uitgeroeid”.

Ziet u een oplossing voor het escalerende, sektarische geweld?

Maes: “Zoals ik al zei: dat sektarisch geweld werd van buitenaf geïmporteerd. De Syriërs willen foto_1303422311helemaal geen burgeroorlog, ze willen vooral met rust gelaten worden. Sluit de grenzen voor terroristen, zet alle vreemde strijders het  land uit, stop met het van buitenaf ondersteunen van groeperingen die op de vernietiging van Syrië uit zijn, en dan zal er vanzelf weer vrede en welvaart heersen . Moslims of christenen, alle Syriërs zijn patriotten. Ze willen geen marionet van vreemde wereldheersers zijn, maar leven in een onafhankelijk en seculier land, waar verschillende godsdiensten in vrede en op voet van gelijkheid met elkaar omgaan”.

“Toen ik hier pas was aangekomen, ben ik eens moederziel alleen een lange wandeling in de woestijn gaan maken. Op zeker ogenblik hoorde ik iemand roepen, een herder met een grote kudde. Hij wenkte me bij zich, nam een deken van de rug van zijn ezel en legde die op de grond voor mij. Hij maakte een vuurtje met wat stokjes, struiken en vuile plastiekzakken die hier helaas overal rondzwerven, en zette thee. Ik kon weinig meer zeggen dan dat ik een priester uit België was: abouna baldjiekie. Wij genoten van ons samenzijn en namen afscheid alsof we broers waren. Dat was dus Syrië, drie jaar geleden. Als ik hier nu één stap buiten zet, ben ik een vogel voor de kat. Ik kan gekidnapt worden, of ze leveren me in mootjes gehakt af in een plastiekzak met mijn foto er op. Dan vraag ik me af: wie heeft er voor gezorgd dat die heerlijke land nu een hel is? In ieder geval niet de Syrische regering”.