Tagarchief: Israël

Iain Overton schrijft de geschiedenis van het zelfmoordterrorisme

“Er moet een VN-verbod op zelfmoordbommen komen”

Knack, 12 juni 2019

Het begon met een aanslag op de Russische tsaar in 1881, intussen staat de teller op 71.000 slachtoffers, and counting. Zelfmoordterreur is een gesel van de moderne tijd. Onderzoeksjournalist en oorlogsreporter Iain Overton schreef er een standaardwerk over. “Zelfmoordterreur is inherent aan asymmetrische oorlogsvoering”.

Iain Overton deinst niet terug voor een forse claim. How the Suicide Bomber shaped the Modern Age, luidt de ondertitel van zijn nieuwste boek. De Britse onderzoeksjournalist en mensenrechtenactivist maakt die stelling hard in een turf van 600 pagina’s, in vertaling verschenen als De Prijs van het Paradijs. Van gerichte aanslagen door 19de-eeuwse Russische revolutionairen tot blinde jihadterreur in Irak of Afghanistan, zelfmoordterrorisme heeft zich in de loop van de moderne geschiedenis ontpopt tot een oorlogswapen dat een zware tol eist. Vorig jaar vielen 7.000 doden en gewonden door zelfmoordaanslagen, in 2017 meer dan 11.000.

Overton neemt ons mee naar de plaatsen en gebeurtenissen die deze escalatie mogelijk maakten. Hij meet de schade op in landen zoals Libanon, Sri Lanka, Afghanistan en Irak, praat met slachtoffers, nabestaanden, mislukte zelfmoordterroristen en veiligheidsdiensten. Geen detail ziet hij over het hoofd, experts mogen uitleggen hoe de detonatie van een bompakket in een metrostel zelfs botfragmenten van de dader in moordende projectielen verandert. Ook Madrid, Londen, Parijs en Brussel komen aan bod, al zinken de aanslagen in Europese steden in het niets naast de plaag die het Midden Oosten en delen van Azië en Afrika teistert. De impact is er niet minder om. Overton ontmaskert de zelfmoordterrorist als aanjager van populisme en vrijheidsbeperkende wetgeving in het Westen. 

U heeft zich jarenlang verdiept in een buitengewoon teneerdrukkend onderwerp. Was het moeilijk om geen depressie over te houden aan zoveel leed, wanhoop en bloedvergieten?

Iain Overton: Zelfmoordterrorisme is inderdaad een deprimerend onderwerp, maar wie ben ik om te klagen? Een Britse journalist die altijd naar zijn veilige land terug kan als het hem teveel of te gevaarlijk wordt? Die luxe hebben de inwoners van Badgad, Mosul, Kaboel of Waziristan niet. De echte slachtoffers wonen in plaatsen waar de dreiging van zelfmoordterrorisme permanent in de lucht hangt.

Salafistische jihadi’s hebben sinds 9/11 een quasi monopolie op zelfmoordterreur, maar het fenomeen is veel ouder. Waarom laat u de chronologie beginnen bij de aanslag die Russische revolutionairen in 1881 op tsaar Alexander II pleegden? 

Overton: Die aanslag werd beraamd door Naradojna Volja, (Wil van het Volk), een van de vele revolutionaire groupuscules in het Rusland van die tijd. De samenzweerders zagen een zelfmoordaanslag als een efficiënte manier om hun utopisch ideaal, een samenleving gestoeld op democratische en communistische principes, te verwezenlijken. Het vermoorden van de tsaar was in hun ogen een humanere methode dan de massale, bloederige volksopstand die de Franse revolutie had gekenmerkt. Dat utopische denken zie je later bij andere zelfmoordterroristen terugkeren. De timing spoort bovendien met twee belangrijke innovaties, de uitvinding van dynamiet en de opkomst van kranten als massamedium. Explosieven en propaganda zijn nog altijd kerningrediënten van zelfmoordterreur.

Kamikaze tijdens WOII

Kamikaze behoren tot het collectieve geheugen van de 20ste eeuw, maar u slaagt erin fascinerende details op te rakelen. Zo lieten Japanse zelfmoordpiloten bij het opstijgen hun landingsgestel op de startbaan achter voor hergebruik. Niet meer nodig, het was immers geen retourvlucht. Belangrijker echter is de rol van katalysator die kamikaze speelden. Omdat zelfmoordterreur als oorlogswapen werd ingezet?   

Overton: Ja, het werd een onderdeel van een militaire strategie. Strikt genomen waren de Japanse generaals geen pioniers, er was een precedent dat ze maar al te goed kenden. Bij de Japanse invasie in China in 1937 wierpen Chinese soldaten zich als menselijke bommen op vijandelijke tanks en troepen. De Chinezen hebben toen zelfs met bomvesten geëxperimenteerd, een fenomeen dat intussen gemeengoed is geworden. Het waren echter de Japanners die zelfmoordterreur hebben getransformeerd. Het was niet langer een wapen in handen van geïsoleerde revolutionairen, maar een instituut. De hersenspoeling van kandidaat-aanslagplegers, de personencultus rond de goddelijke keizer voor wie men zijn leven moest opofferen, dat hebben zij op punt gesteld.

De Japanse zelfmoordterreur kwam niet alleen uit de lucht vallen, het wapen werd ook onder water ingezet. Waarom zijn de fukuryu in tegenstelling tot de kamikaze tussen de plooien van de geschiedenis gevallen?

Overton: Omdat ze geen rol van betekenis hebben gespeeld. Fukuryu staat voor  zelfmoordduikers. Verzwaard met lood en extra zuurstofflessen konden ze tot zes uur op de zeebodem blijven, in een hinderlaag of lopend naar een vijandelijk schip. Ze hadden een lange bamboestok met daarop een zeemijn. Als die ontplofte zonk niet alleen het schip maar waren ze zelf op slag dood. Bedoeling was de fukuryu in te zetten tegen de Amerikaanse invasie in Japan. Vrijwilligers werden klaargestoomd in geheime opleidingskampen, maar het is niet zeker of ze ooit echt in actie zijn gekomen. De Japanse marine had overigens ook zelfmoordduikboten, in feite menselijke torpedo’s. Daarvan staat vast dat ze meermaals werden ingezet.

De 13-jarige Iraniër Mohammad Hossein Fahmideh dook op 30 oktober 1980 met een ontgrendelde granaat tussen de rupsbanden van een Iraakse tank. U noemt deze daad een kantelmoment in de moderne geschiedenis. Hoezo?

Overton:  Zijn dood heeft een enorme impact gehad in het hele Midden-Oosten. Natuurlijk had het uitschakelen van die ene tank weinig invloed op het verloop van de Iraaks-Iraanse oorlog. De betekenis schuilt in de manier waarop de Iraanse leider Khomeini zijn dood heeft gerecupereerd. Fahmideh werd als martelaar hoog op een voetstuk geplaatst. Ziekenhuizen en scholen werden naar hem vernoemd, zijn beeltenis sierde een bankbiljet. Die martelarencultus schiep een geweldig precedent dat in de hele regio navolging kreeg. Vanuit Iran is de modus operandi overgewaaid naar Libanon, waar Hezbollah een tweede mijlpaal heeft geslagen. Door enkele zelfmoordaanslagen, onder meer met vrachtwagens, hebben ze Amerika en Frankrijk gedwongen hun troepen terug te trekken. Daarmee is een nieuw tijdperk aangebroken, ineens werd duidelijk dat zelfmoordterreur een probaat middel was om machtige regeringslegers op de knieën te krijgen. Dat besef heeft zich als een virus verspreid. Het duurde daarna niet lang of het wapen werd op twee nieuwe fronten ingezet, in Palestina en Sri Lanka.

Iraanse volksheld-martelaar Mohammad Hossein Fahmideh. Voor eeuwig 13 jaar.

U ging op onderzoek in Sri Lanka waar het een makkie bleek om ooggetuigen en slachtoffers te vinden. Tijdens de 25 jaar durende burgeroorlog waren zelfmoordaanslagen door Tamil Tijgers (LTTE) zoniet dagelijkse dan wel wekelijkse kost. Mogen we hen de ongekroonde kampioenen in deze discipline noemen?

Overton: Tot 9/11 was de LTTE alleszins de groep met het grootste aantal aanslagen en slachtoffers op haar palmares. De Tamil Tijgers waren geen vernieuwers, maar ze hebben de modus operandi verfijnd en de slagkracht van het terreurwapen vergroot. Er waren speciale eenheden voor zelfmoordmissies, de Zwarte Tijgers. Kandidaten stonden in de rij, het voluntarisme om te sterven voor een onafhankelijke Tamilstaat was groot. Onder Zwarte Tijgers werd zelfs geloot om als eerste op missie te mogen vertrekken. Dat is vooral de verdienste van de stichter Prabhakaran, een erg charismatische leider die net zoals de Japanse keizer het voorwerp was van een doorgedreven personencultus. Anders echter dan Hirohito onderhield hij met zijn kandidaat-martelaren een persoonlijke relatie. Zo mochten ze aan de vooravond van hun missie bij de grote leider aanschuiven voor een afscheidsdiner.  Prabhakaran zorgde voor hun nagedachtenis, er waren ereperken en monumenten voor gesneuvelde Zwarte Tijgers, de propaganda roemde hun heldendaden. Om dat fenomeen te snappen moet je de context kennen. Het zelfmoordterrorisme van de Tamil Tijgers hield gelijke tred met de repressie door het regeringsleger.

De burgeroorlog eindigde in 2009 met de totale nederlaag van de Tamil Tijgers. Toch werd Sri Lanka recent opnieuw door een reeks zware zelfmoordaanslagen opgeschrikt. De rolbezetting was verschillend, het waren jihadstrijders die de christelijke minderheid viseerden. Ziet u desalniettemin een verband met de bloedige erfenis van de Tamil Tijgers?

Overton: Vooral de verschillen springen in het oog. De aanslagen op Paaszondag waren religieus geïnspireerd en gericht tegen burgers. De Tamil Tijgers daarentegen voerden een nationalistische strijd met aanslagen op politici, militairen en veiligheidsdiensten, al zijn er ook burgerslachtoffers gevallen. Maar ik zie wel een verband. Zodra zelfmoordterreur in een samenleving als een valabele optie wordt gezien om een politiek doel te bereiken, krijg je het niet meer weg. De geest is uit de fles, daar hebben de Tamil Tijgers wel voor gezorgd.

De recente aanslagen in Sri Lanka werden door Islamitische Staat opgeëist. Door extremistische soennieten dus, zoals meer dan 90 procent van alle zelfmoordaanslagen die sinds 9/11 werden gepleegd. Hoe zijn we op dat punt beland?

Overton: Daarvoor moeten we terugkeren in de tijd, naar een afgelegen plek in Zuid-Libanon met de lieflijke naam Bloemenweide. Tijdens de eerste intifada in 1987 heeft de Isräelische premier Yitzhak Rabin meer dan 400 Palestijnse activisten naar die plaats gedeporteerd. Een dure vergissing, want er zaten aanhangers van Hamas en Islamitische Jihad tussen die binnen kortste keren contact zochten met Hezbollah-strijders. Daar heeft zich de transfer voltrokken: soennitische extremisten leerden niet alleen de technieken van het zelfmoordterrorisme, ze namen in een moeite het sjiïtische concept van martelaarschap over. De gevolgen bleven niet uit: sinds 1994 werden in Israël liefst 114 zelfmoordaanslagen gepleegd, de helft door Hamas, de andere helft evenredig verdeeld over Islamitische Jihad en de Al Aqsa Brigade. De aanslagen waren tegen burgers gericht, alweer een grens verlegd. Achteraf bekeken is die transfer erg ironisch. Sjiieten zijn gaandeweg het voornaamste slachtoffer geworden van zelfmoordaanslagen door soennitische extremisten.

Hoe vallen zelfmoordaanslagen te rijmen met het taboe op suicide in de moslimwereld?

Overton: Door het niet als zelfmoord maar als martelaarschap te verpakken. Istishad, het concept dat moslims toelaat om hun leven op te offeren in de strijd, bestaat zowel in het sjiisme als in het soennisme. Toch is er een belangrijk verschil. In het sjiisme kijken ayatollahs streng toe op de interpretatie en toepassing van religieuze principes. Dat gezag bestaat niet in het soennisme waar duizenden imams hun eigen interpretatie van de basisregels volgen. Daarmee staat de doos van Pandora open: een kleine minderheid van soennitische geestelijken propageert een extremistische lezing waarvoor ze inspiratie zoeken bij middeleeuwse theologen. Zoals Ibn Tamiyah, een van de huisfilosofen van zowel IS als van de in 2006 gesneuvelde Al Qaida-leider Al Zarqawi. Ibn Tamiyah wordt door soenni-extremisten vaak geciteerd om de jihad tegen afvallige burgers zoals sjiieten te vergoelijken.

Al Qaida, Al-Shabaab, Al-Nusra, Taliban, Boko Haram, de grootleveranciers van zelfmoordterreur zijn merken met wereldfaam geworden. Een groep springt eruit: Islamitische Staat. Wat maakt die beweging zo bijzonder?

Overton: De apocalyptische wereldvisie. Sterven in de strijd is voor IS-aanhangers slechts een voorafname op het einde van de wereld. Ze maken zich daar een romantische voorstelling van. Op het donkerste uur, wanneer de nederlaag op het slagveld onafwendbaar lijkt, zal de profeet Jezus op de minaretten van Jeruzalem verschijnen om het einde der tijden af te kondigen. Paradoxaal genoeg spoorde dat vooruitzicht met de aantrekkingskracht die het wereldse kalifaat uitoefende, ook op geradicaliseerde moslims uit Europa. In afwachting van de apocalyps bood het rijk van Al Bagdadi hen de kans om ondermaans een waardig leven als vrome moslim te leiden.

IS hecht meer dan andere terreurbewegingen belang aan communicatie en propaganda. De video is even belangrijk als de aanslag. Waarom zet IS zijn gruweldaden zoals het levend verbranden van een Jordaanse piloot dik in de verf?

Overton: Islamitische Staat is samen met de sociale media groot geworden. Logisch dat ze dat kanaal voluit bespelen. Waarom liggen in Londen of Brussel jonge moslims wakker van geallieerde bombardementen in verafgelegen landen zoals Irak of Afghanistan? Omdat IS de beelden van de verhakkelde slachtoffers in hun gezicht duwt. Het verspreiden van gruwelvideo’s is geen IS-monopolie, Mexicaanse drugkartels gaan zo mogelijk nog verder. Intimidatie om hun territorium af te bakenen, maar bij IS speelt nog een motief. Ook Europa heeft een verleden van gruwelijke rechtspleging, met foltering en openbare executies. Vanaf de 18de eeuw is dat stilaan geëvolueerd. Executies werden minder wreed, verdwenen uit de openbaarheid, tot in de 20ste eeuw de doodstraf helemaal werd afgeschaft. Welnu, IS verwerpt dat Westerse concept van rechtsbedeling. Dat is de boodschap achter al die onthoofdingsvideo’s: wij staan voor een islamitische visie op schuld en boete.

Mohamed Atta. Gedreven door een apocalyptisch wereldbeeld

Bestaat er zoiets als een prototype van de zelfmoordterrorist?

Overton: Nee, maar ik doe wel enkele vaststellingen. Op een handvol uitzonderingen na gaat het om mannen, veelal twintigers. Europese zelfmoordterroristen zijn gemiddeld genomen hoog opgeleid, wat niet belet dat ze vaak met werkloosheid kampen. Dat is niet per se het gevolg van discriminatie. Regulier werk valt moeilijk te combineren met een consequent leven als salafistische moslim. Het belang van persoonlijkheidsfactoren valt moeilijk in te schatten. Door het taboe op suicide kan istishad voor depressieve moslims het pad naar zelfmoordterrorisme effenen. Toch zal de overgrote meerderheid van depressieve moslims zo’n stap nooit overwegen. Palestijnen en Tibetanen zitten min of meer in dezelfde, uitzichtloze situatie. Palestijnen plegen zelfmoordaanslagen, Tibetanen steken zichzelf in brand. Ik wil maar zeggen, groepsdynamieken zijn veel relevanter dan individuele kenmerken.

Wat is er aan van het cliché van de 72 maagden? Werkt dat echt als lokaas voor kandidaat-zelfmoordterroristen?

Overton: Het is niet helemaal uit de lucht gegrepen. Als je in het Midden-Oosten langer dan tien minuten met mannen praat, stel je vast dat ze een pornografische fixatie hebben. Hun beeld op vrouwen en seks komt recht uit de XX-studio’s van Californië. Natuurlijk zijn er daders die van die 72 maagden geen snars geloven en zich toch opblazen. Maar voor laagopgeleide jongeren die verbitterd zijn over onrecht, kan het een aantrekkelijk idee zijn dat hen over de streep trekt. Het perspectief krijgt extra kleur door de mythes die erover rondgaan. Op het moment dat de bomvest ontploft, schieten de maagden in actie om het uiteengereten lichaam van de martelaar weer samen te stellen. Die maagden zijn bloedmooi, menstrueren nooit en staan altijd klaar om hun martelaar te bedienen.

Komt de wereld ooit nog af van deze gesel?

Overton: Ik vrees van niet. Alleen al vorige week (eind mei, nvdr) waren er zelfmoordaanslagen in Bagdad, Afghanistan en Indonesië. Vele aanslagen blijven onder de radar, ze spelen zich af in landen waar nauwelijks nog media opereren. Het succes van zelfmoordterreur hoort bij de  asymmetrische oorlogsvoering die ons tijdperk kenmerkt.

Wat bedoelt u?

Overton: De geallieerden vechten in Irak en Afghanistan met vliegtuigen en drones. Wat kunnen hun vijanden tegen die hightech inbrengen? Improvised Explosive Devices, een wapen waarvan de menselijke variant met de bomvest veruit de dodelijkste variant is. Het is een dialectisch proces. Het succes van bermbommen en zelfmoordaanslagen verklaart waarom Amerikanen en Britten in Irak en Afghanistan zo weinig mogelijk patrouilles uitsturen. Ze verschansen zich in zwaar beveiligde kampen en sturen drones uit voor precisiebombardementen en gerichte executies. Dat willen ze ons doen geloven, maar als onderzoeksjournalist ken ik een andere realiteit. Het zijn in grote meerderheid burgers die omkomen bij die zogenaamd chirurgische aanvallen. Dat is dan weer koren op de propagandamolen van IS en consorten die het contrast gretig benadrukken. De operator die vanuit zijn bunker in Nevada onschuldige burgers vermoordt, tegenover de man met de bomvest die zijn leven geeft voor de oemma. Wie is de held en wie de lafaard? Ik heb samen met onderzoekers van de Royal Holloway University een statistische analyse gemaakt van drone-aanvallen en zelfmoordaanslagen in Pakistan. De correlatie is duidelijk. In de maand na een drone strike ging het aantal zelfmoordaanslagen steil omhoog.

U pleit voor een VN-ban op zelfmoordbommen. Waarom is dat minder naïef dan het klinkt?

Overton: Het wordt hoog tijd dat de VN de ernst van dit probleem erkent. Er is heel veel aandacht voor antipersoonsmijnen. Terecht, maar die wapens claimen slechts 2 procent van de slachtoffers in conflictgebieden, terwijl dat bij zelfmoordterreur rond de 30 procent schommelt. Ik geloof in de stigmatiserende werking van zo’n wereldwijd verbod. Gas was in de Eerste Wereldoorlog een efficiënt wapen, en toch is het door ethische overwegingen in onbruik geraakt.

Iain Overton

Groot-Brittanië, 46 jaar

studeert internationale politiek in Cambridge

maakt als onderzoeksjournalist televisiedocumentaires voor BBC en Channel 4

wordt in 2010 de eerste directeur van Bureau of Investigative Journalism, een non-profit nieuwsagentschap dat onder meer de Wikileaks-logs over de Irak-oorlog onderzocht

publiceert in 2015 “Gun Baby Gun”  over de geschiedenis van vuurwapens

oprichter en leider van Action on Armed Violence, een NGO die de wapenindustrie monitort

De prijs van het Paradijs, 2019, Uitgeverij Volt, 600 pagina’s, 24,50 euro

De Palestijnse Staat: bouwproject zonder vergunning

Knack, 19 oktober 2017

“Je kunt over dit conflict eindeloos discussiëren, maar in wezen is het heel eenvoudig: Israël wil zoveel mogelijk grond met zo weinig mogelijk Palestijnen erop” 

Scheidingsmuur in Bethlehem (eigen foto)

Scheidingsmuur in Bethlehem (eigen foto)

Knack reisde embedded met Europese Vertegenwoordiging bij de Palestijnse Autoriteit door de Westoever. Veel hoop op een tweestatenoplossing werd er niet gevonden, ongelukkige maar voldongen feiten des te meer. ‘Zonder Europa had Israël de Westoever al lang geannexeerd’.

Na vier dagen op de Westoever dringt zich een voorlopig besluit op. De Israëlisch-Palestijnse kwestie? Er is geen nieuws en dat is meteen het slechte nieuws. We hebben met een groep journalisten staan aanschuiven bij checkpoints. We bezochten bedoeïenenclans die door nieuwe of zich steeds verder uitbreidende nederzettingen worden bedreigd. We reden over viervaks-autosnelwegen waar alleen gele of Israëlische nummerplaten zijn toegelaten, terwijl we in de verte de lokale wegen zagen waar auto’s met groene, Palestijnse  nummerplaten lange files vormden voor alweer een volgend checkpoint. We telden zoveel muren, hekken en wachttorens dat we er ons oriëntatiegevoel bij verloren. We ontmoetten niet alleen Palestijnen maar ook Israëlische mensenrechtenactivisten die zich hardnekkig blijven verzetten tegen de al vijftig jaar aanslepende bezetting van de Westelijke Jordaanoever, een engagement dat steeds moeilijker valt in een land waar zowel de regering als de publieke opinie een forse ruk naar rechts hebben gemaakt. Van die regering of publieke opinie konden we geen poolshoogte nemen. We reisden op uitnodiging van de Europese Vertegenwoordiging bij de Palestijnse Autoriteit. Embedded dus, maar dat doet letterlijk noch figuurlijk afbreuk aan de muren die we hebben gezien.

Doel van deze intensieve kennismaking: aantonen waarom Europa in de tweestaten-oplossing blijft geloven, en op welke verschillende manieren het bijdraagt tot het realiseren van deze oplossing die in de Oslo Akkoorden van 1993 werd voorzien. Met veel geld, dat kunnen we nu al zeggen. De Europese Unie en de lidstaten pompen jaarlijks 1 miljard euro in de ontwikkeling van de Palestijnse gebieden. Maar daarmee is het punt niet gemaakt. Na vier dagen hebben we immers ook een leidraad ontdekt: alle Palestijnen, jong of oud, laaggeschoold of hoogopgeleid, spuwden Oslo uit als een slok verzuurde melk. Het geloof in een tweestatenoplossing brandt hier op een zeer laag pitje. Maar ook dat is oud nieuws.

En dan, op de terugweg naar Ramallah: breaking news! Fatah en Hamas hebben in Caïro een akkoord gesloten! Na tien jaar van bittere en bij momenten bloedige broederstrijd wagen Ramallah en Gaza een poging om hun vendetta bij te leggen. Hamas, door de VS en Europa als een terroristische organisatie bestempeld, draagt het bestuur over de strip over aan de Palestijnse Autoriteit van president Abbas. Binnen het jaar zouden er verkiezingen volgen, de eerste in 11 jaar tijd. In Gaza zal de aangekondigde verzoening, die hoop op betere levensomstandigheden biedt, tot een volksfeest leiden. Niets daarvan in Ramallah, we zullen er vooral veel scepsis ervaren. Ook onze Palestijnse reisgezellen, lokale EU-medewerkers en journalisten, zonder uitzondering jong en goed opgeleid, lopen niet warm. Kiezen tussen Fatah en Hamas? Aan religieus fundamentalisme hebben ze lak, het Fatah-regime noemen ze corrupt en autoritair. Vorige maand nog werden zes kritische journalisten opgepakt, vernemen we van fotograaf Alaa Daraghme. ‘Er is een enorm legitimiteitsprobleem’, zegt hij. ‘Jonge Palestijnen, zeg maar de overgrote meerderheid, herkennen zich helemaal niet in de huidige generatie leiders. Ze geloven ook niet in een tweestatenoplossing, al wat ze wensen is een beter leven. Het is erg om te zeggen, maar velen zouden zelfs blij zijn met een statuut zoals dat van de Israëlische Palestijnen. Tweederangsburgers, maar wel in een functionerende staat’.

vluchtelingenkamp Aida, wereldkampioen blootstelling traangas (eigen foto)

vluchtelingenkamp Aida, wereldkampioen blootstelling traangas (eigen foto)

zelfhatende jood

Mohamed Shamasneh (45) heeft andere zorgen aan zijn hoofd. Half september werd hij met zijn achtkoppige familie uit zijn huis in Sheikh Jarrah gezet, een Palestijnse volksbuurt in het hart van Oost-Jeruzalem. “Door de politie’, zegt hij. ‘Terwijl onze inboedel op een vrachtwagen werd geladen, zagen we hoe een Israëlische familie onze plaats innam’. Ook zijn hoogbejaarde ouders verloren de residentie waar ze in 1964, onder Jordaans gezag nog, hun intrek namen. Sinds de Zesdaagse Oorlog in 1967 valt Oost-Jeruzalem net als de Westoever en Gaza onder Israëlisch bestuur. In tegenstelling echter tot die laatste twee gebieden werd Oost-Jeruzalem in 1980 officieel geannexeerd. Het herenigde Jeruzalem werd tot ‘eeuwige en ondeelbare’ hoofdstad van Israël uitgeroepen, een statuut dat niet door de beugel van het internationaal recht kan en lijnrecht indruist tegen Palestijnse claim op Oost-Jeruzalem als toekomstige hoofdstad van hun onafhankelijke staat.

Hoe ver die droom van de realiteit staat, kunnen we in Sheikh Jarrah vaststellen. Zestig jaar van actieve judaïsering heeft zijn doel niet gemist: intussen maken Israëlische kolonisten al 41 procent van de bevolking in Oost-Jeruzalem uit. De regering Netanyahu IV, een uiterst  nationalistische zespartijencoalitie met een grote inbreng van ultra-orthodoxen en extreemrechtse kolonisten, heeft nog een tandje bijgestoken. Complete woonblokken veranderden in nederzettingen of kantoorgebouwen, alleen al in deze buurt werden dit jaar vier grote projecten vergund waardoor 17 Palestijnse families worden bedreigd. Het lot van de Shamashnes is dan ook geen unicum, volgens de Norwegian Refugee Council vechten nog 40 families tegen een nakende uithuiszetting. De Noorse ngo heeft een ploeg advocaten op de been die de families pro deo bijstaat. Namen mogen we niet noemen. Te delicaat in een land waar de regering er alles aan doet om ngo’s met buitenlandse financiering als staatsvijandig te brandmerken. Dat werkt, heeft een Israëlische medewerkster ondervonden ‘Het klimaat wordt stilaan onleefbaar’, klaagt ze. ‘Wie durft opkomen tegen de bezetting, wordt meteen als landverrader of zelfhatende jood weggezet. In mijn familie of op de school van mijn kinderen loop ik er niet mee te koop. Als ze vragen wat ik doe, zeg ik dat ik aan de universiteit werk’.

Behalve delicaat is het werk van de NRC-advocaten vooral moeilijk. ‘Israël heeft een heel arsenaal aan wetten en regels om uithuiszettingen te legitimeren’, zegt een woordvoerder. ‘Zo is er een wet die Israëli’s toelaat eigendommen te claimen die hun familie voor de Jordaanse bezetting (1949-67) in bezit had. Dat gebeurt lang niet altijd spontaan, er zijn organisaties die nabestaanden in de hele wereld opsporen en aanmoedigen om zo’n claim in te dienen. Spreekt vanzelf dat het omgekeerde niet kan, Palestijnen moeten er niet aan denken in Israël eigendommen op te eisen die ze in 1948 zijn verloren’. Ook met het aanvechten van afbraakorders hebben ze de handen vol. Een derde van de Palestijnse woningen werd zonder vergunning gebouwd, ook al omdat het voor Palestijnen haast onmogelijk is om zo’n vergunning te verkrijgen. Volgens de Noorse ngo lopen daardoor zo’n 100.000 Palestijnen het risico hun huis in Oost-Jeruzalem te verliezen. Of hun permanente verblijfsvergunning, want ook die kan op vele manieren verbeurd worden verklaard. .

De oude stad Jeruzalem en aangrenzende wijken zoals Silwan en Sheikh Jarrah zijn erg in trek bij religieuze zionisten. Vaak gaat het om Amerikanen of Fransen die willen aanknopen met de joodse roots en tegelijkertijd fysiek beletten dat Jeruzalem verdeeld kan worden.  Voor het samenlevingsklimaat moeten ze het niet doen, want de invasie zet de relaties tussen diverse bevolkingsroepen op scherp. Woningen van kolonisten worden bewaakt, hun kinderen onder escorte naar school begeleid. Door privé-bewakingsfirma’s, maar op kosten van Israëlische overheid. Ons bezoek heeft Mohamed Shamasneh niet opgevrolijkt. Hij wijst naar de Israëlische vlag bij de poort van wat tot voor kort zijn thuis was. ‘Ik ben een vreemdeling in mijn eigen buurt geworden’, zegt hij bitter.

Area C

We zijn te gast ARIJ, een in Bethlehem gevestigd onderzoeksinstituut dat de nederzettingenpolitiek monitort. Voor de derde keer al deze week krijgen we de kaartenshow te zien. De eerste slide toont traditiegetrouw historisch Palestina, een uithoek van het Ottomaanse rijk waar joden een dikke eeuw geleden geen tien procent van de bevolking uitmaakten. Op de volgende slides zie je de Palestijnse leefruimte slinken als een ijsschots. 22 procent van historisch Palestina zouden ze nog overhouden als Israël de sinds 1967 bezette gebieden teruggeeft. Dat was waar PLO-leider Arafat op hoopte toen hij in 1993 de Oslo Akkoorden onder het motto ‘land voor vrede’ aanvaardde. De 70-jarige Jad Isaac moet er vandaag om lachen. ‘I was one of those Oslo criminals’, zegt de 70-jarige oprichter en directeur van ARIJ. ‘Wat waren we naïef in 1993. In afwachting van een defintieve regeling zou Israël de Westoever alvast in drie zones opdelen. In zone A, de stedelijke kernen, zou de pas opgerichte Palestijnse Autoriteit de volledige controle over veiligheid en administratie krijgen, in de omliggende B-zones alleen de administratieve controle. Area C daarentegen, goed voor 60 procent van de Westoever, zou in afwachting volledig onder Israëlisch bestuur blijven. We zijn nu 25 jaar later, en we wachten nog altijd. Met dit gevolg’. Hij klikt op de laatste slide, een actuele kaart. ‘Bantoestans’, zegt hij. ‘dat is alles wat er voor de Palestijnen overschiet’.

De kaart geeft hem geen ongelijk. De donkere A-gebieden liggen als eilanden in de witte oceaan van area C. Sinds 1967 werden er meer dan honderd nederzettingen gebouwd. Voeg daarbij een kleine 800 kilometer muren en hekwerk, 630 checkpoints, kazernes en militaire oefenterreinen, plus nog wat wegen of archeologische sites die voor Palestijnen off limit zijn. Het resultaat is een op zich al klein gebied waarin de bewegingsvrijheid van 2,5 miljoen Palestijnen op allerlei manieren aan banden wordt gelegd. Een reis van pakweg Betlehem naar Jenin of Jeircho is een sukkelgang van checkpoint naar controlepost. Zonder de juiste papieren komt men niet ver, Israël kan de Westbank naar believen helemaal of deels op slot gooien. Dat gebeurt niet alleen na aanslagen. Ons bezoek viel samen met het joodse Loofhuttenfeest. Gevolg: Kalandia, het voornaamste checkpoint tussen Rammalah en Jeruzalem ging een hele week dicht. Pech voor de duizenden Westoever-inwoners die hun brood verdienen in Palestijnse shops of restaurants in Oost-Jeruzalem.

De geschiedenis van de Oslo Akkoorden is bekend. Onder meer door de moord op de Israëlische premier Yitzhak Rabin in 1994 raakte het sowieso al delicate vredesproces definitief in het slop. De voorlopige opdeling kreeg een permanent karakter. ‘Daar maakt Israël misbruik van om de hele C-zone feitelijk te annexeren’, zegt Isaac. ‘Er wonen al zo’n 700.000 kolonisten, aan het huidige ritme zijn het er in 2020 meer dan een miljoen. (Israël houdt het op een half miljoen, ER) Netanyahu heeft in 2016 meer nederzettingen vergund en gebouwd dan in de vijf voorgaande jaren samen. Met steun van Amerikaanse organisaties die massa’s geld pompen in de nederzettingen waar de levensomstandigheden overigens beter zijn dan in Israël zelf’. Van de Israëlische wet mag het niet, maar ARIJ beschikt over gedetailleerde luchtbeelden van area C. Die brachten niet alleen 885 buitenzwembaden aan het licht, een luxe die vele met waterschaarste kampende Palestijnen de ogen uitsteekt. De satelliet ontmaskerde bovendien de techniek van de buitenpost. Officeel gaat het louter om schakels in de veiligheidsketen die rond alle nederzettingen liggen. Een wachtpost met wat prikkeldraad op een heuvel, meer stelde de outpost van Na’aleh vorig jaar niet voor. Een recente foto toont evenwel een verrassende ontwikkeling. In het verlengde van de buitenpost rijst een nieuwe nederzetting uit de grond, East Na’aleh. ‘Zo zijn er wel 96 buitenposten’, zegt Isaac. ‘Illegaal volgens de Israëlische wet, maar de militaire overheid zorgt wel voor water, elektriciteit en ontsluitingswegen. Op die manier proberen ze nederzettingen te clusteren en nog meer Palestijnse grond met muren of hekwerk in te pikken. Want vergis je niet: al die zogenaamde scheidingsmuren hebben niks met veiligheid voor Israëli’s te maken. Landpikkerij, daar is het om te doen. Slechts 50 van de 775 kilometer van de Muur volgt het tracé van de Groene Lijn (wapenbestandslijn uit 1949 ER), al de rest snijdt diep in Palestijns grondgebied’.

Paus Franciscus

We rijden door de Jordaan-vallei, de ontmoeting met B’Tselem-woordvoerder Amit Gilutz zindert na. De Israëlische mensenrechtenorganisatie, in 1989 opgericht om misbruiken door militairen in bezette gebieden te documenteren en gerechtigheid voor de slachtoffers te eisen, is een van schietschijven van rechts Israël. Gilutz weet er alles van. Scheldpartijen, bedreigingen en ravages in zijn sociaal leven horen bij de job. Vergeleken daarmee was zijn tweejarige dienstplicht als muzikant in het legerorkest een sinecure. ‘Toch heeft die ervaring mijn ogen geopend’, vertelde hij. ‘Ik moest uitzonderlijk een weekend op post in bezet gebied. Het was rustig, business as usual. Toch zag ik soldaten uit verveling stenen gooien naar voorbijrijdende Palestijnen. Een geblinddoekte en geboeide arrestant werd geschopt en geslagen. Wow, dacht ik toen, als dit een doorsnee weekend in de bezette gebieden voorstelt, wat gebeurt er dan allemaal niet in een doorsnee jaar?’. Gilutz gaf ons een update over mensenrechten en straffeloosheid in de bezette gebieden, afgerond met een persoonlijke bedenking.  ‘Je kunt over dit conflict eindeloos discussiëren, maar in wezen is het heel eenvoudig: Israël wil zoveel mogelijk grond met zo weinig mogelijk Palestijnen erop’.

bedoeïenenkamp Westbank. Opkrassen voor uitbreiding Jeruzalem (eigen foto)

bedoeïenenkamp Jabal al Baba. Bedreigd door Greater Jerusalem. (eigen foto)

Het E1-project vormt een perfecte illustratie. Om het helemaal te doorgronden zijn plannen, kaarten en luchtbeelden nodig, maar de essentie is eenvoudig. E1 kan best in het licht worden gezien van de Greater Jerusalem Bill, een door het kabinet Netanyahu gesteund wetsontwerp dat de grenzen en de demografie van de stad grondig moet wijzigen. Bedoeling is 19 illegale nederzettingen met tussen 125.000 en 150.000 Israëli’s in te kantelen. Omgekeerd worden zo’n 100.000 Palestijnen administratief verwijderd. Materieel zullen ze er niet veel bij inleveren, er werd sowieso nog nauwelijks in dienstverlening geïnvesteerd sinds ze jaren geleden door de scheidingsmuur van de kernstad geïsoleerd raakten.

Paus Franciscus noch de Jordaanse koning Hoessein zaliger kunnen er veel aan veranderen. Hun geschilderde portretten prijken op een betonnen gebouw bovenop een heuveltop. Eigendom van het Vaticaan, vandaar de naam die ook op het omliggende vluchtelingenkamp slaat. Jabal Al Baba, de Heuvel van de Paus, is één van de twee bedoeïnenkampen die door het E1-project worden bedreigd. Het probleem: ze liggen in de weg om de 44.000 kolonisten van Ma’ale Adoemim middels een forse uitbreiding fysiek te verbinden met Jeruzalem. Dat ze in de C-zone wonen en bijgevolg onder militair bestuur vallen, helpt hun zaak niet vooruit. Het leger doet er alles aan om de bedoeïnen, veelal vluchtelingen die na 1948 uit de Negev-woestijn werden verjaagd, met hun schapen en geiten te doen opkrassen. Al 48 huizen werden vernield, twee maanden geleden moest een met Europees geld gefinancierde kinderkribbe eraan geloven. De vernieling van Palestijnse infrastrctuur is schering en inslag op de hele Westoever. Zo heeft ons land al geprotesteerd tegen de inbeslagname van zonnepanelen en de afbraak van een school, beide deels met Belgisch belastinggeld gefinancierd. Veel indruk maakte dat niet. Israël behoudt zich in area C het recht voor om alle niet-vergunde structuren af te breken of in beslag te nemen. Het begrip bezette gebieden valt daarbij niet. Israël, dat een eigen lezing heeft van het internationaal recht, spreekt consequent van betwiste gebieden. Geen detail, want op die manier onttrekt het zich aan de Conventie van Genève die bezettingsmachten verplicht verantwoordelijkheid voor de burgers in de bezette gebieden te dragen.

Dat de twee bedoeïnengemeenschappen voorlopig standhouden, is grotendeels te danken aan de guerrillasteun die vier ngo’s leveren onder dekking van de European Civil Protection and Humanitarian Aid Operations (ECHO). Ook hier mogen we geen namen citeren, zelfs niet van de betrokken ngo’s. De angst voor Israëlische repressailles _ geweigerde visa, werkvergunning of uitzetting  _ zit er diep in. ‘Het is een kat en muisspel’, zegt onze bron. ‘Als ze in het kamp een woning afbreken, bouwen we die vijf meter verder weer op. Sluiten ze de stroom af of blokkeren ze de toegangsweg met een groot betonblok? Wij leveren zonnepanelen of sturen een kraanwagen om de weg weer vrij te maken’.

Hebron

Het werd bij wijlen een deprimerende roadshow. We bezochten Aida, een straatarm vluchtelingenkamp in Bethlehem dat onfortuinlijk in een bocht van de scheidingsmuur ligt. Om het nog moeilijker te maken loopt er een baan langs, aangelegd voor joodse pelgrims en toeristen op weg naar de graftombe van Rachel, vrouw van aartsvader Jakob. Het kamp, dat alleen in de hoogte kan groeien, is met 6.000 vluchtelingen schrikbarend overbevolkt. In Aida hoorden we over de VENOM launcher, een tuig dat tot 60 bussen traangas per minuut kan afschieten. Non lethal urban warfare, heet dat. Bij B’Tselem en UNWRA, het VN-agentschap dat sinds 1949 verantwoordelijk is voor de Palestijnse vluchtelingenkampen, denken ze daar anders over. Er zijn al verschillende doden gevallen door slecht gemikte gasprojectielen, andere slachtoffers stikten door een te hoge concentratie. Nergens ter wereld werden mensen aan grotere doses traangas blootgesteld dan in Aida, reden voor UNWRA om een studie naar de langetermijngevolgen voor de gezondheid te bevelen. Aanleidingen om traangas, rubberkogels, en de als niet dodelijk gekwalificeerde .22-munitie te gebruiken, zijn er in Aida genoeg. De frustraties monden geregeld uit in protest en erger. Gemiddeld een keer per week valt het leger binnen voor search and arrest operaties. Kinderen worden niet ontzien, het laatste examen van de vijfde graad werd lelijk verstoord toen een flashgranaat en enkele traangasobussen door het raam vlogen. Ook de Palestijnse ordediensten delen telkens in de schade. Hun machteloosheid tegenover de Israëlische operaties, nota bene in de eigen zone A, ondergraaft hun gezag.

Ook onze halte in Hebron, de grootste stad van de Westoever waar 800 extreem-religieus-zionistische kolonisten zich onder bescherming van 600 soldaten hebben genesteld, maakte indruk. We raakten aan de praat met twee kolonisten die er prat op gingen de soldaat Elor Azaria persoonlijk te hebben gefeliciteerd, vlak nadat hij een reeds uitgeschakelde belager van dichtbij had geëxecuteerd. De jongste van de twee vond het ook nodig om onze Palestijnse begeleidster, een piepjonge stagiaire die hem al kneep toen we een militaire post passeerden, met de grofst denkbare verwensingen te overladen. Geen twijfel dat de haat ook bij sommigen aan de overkant hoog oploopt, maar dit viel toch moeilijk te overtreffen.

Hoopgevende momenten waren er ook. In Tubas, in het Noorden van de Westoever,  financiert de Europese Unie een installatie die het afvalwater van 34.000 mensen moet zuiveren en recycleren. Twee vliegen in een klap, want op die manier raken de kostbare ondergrondse drinkwatervoorraden niet meer door insijpelende smurrie bezoedeld. Ingenieur en projectleider Nael Ali Ahmad sprak woorden van trots en dankbaarheid, maar kon enkele wrange bedenkingen niet onderdrukken. Dat hij alle plannen heeft moeten hertekenen omdat de Israëli’s van oordeel waren dat de constructie zo’n vijftien meter uitstak over de hier ongemarkeerde grens tussen zone A en zone C. 70.000 kubieke meter moest er extra worden uitgegraven vanwege deze administratieve pesterij die met geen enkel veiligheidsmotief kon worden gemotiveerd. Maar dat was niet eens zijn voornaamste ergernis, echt boos werd hij pas toen hij het zonesysteem fileerde. A, B of C, hem om het even, het is allemaal land dat de Palestijnen toekomt. Maar wat is de realiteit? Het is de Palestijnse Autoriteit zelfs verboden om zonder Israëlische toelating in de eigen zone A een waterput te boren! Oslo, meneer! De Palestijnse onderhandelaars, niet gehinderd door veel  hydrologische en geologische kennis, hebben zich in 1993 laten rollen. Gevolg is dat de Palestijnen op hun knieën moeten smeken om een waterput te boren. Dat mag uitzonderlijk in de kleine westelijke aquifer, de veel rijkere oostelijke waterlaag is exclusief voor Israëlisch gebruik. ‘Gevolg is dat we voor de bevoorrading nog altijd volledig afhangen van Israël’, fulmineerde Ahmad. ‘Ze doen ons zelfs extra betalen, voor ons eigen water’.

ingenieur ???(eigen foto)

ingenieur  Nael Ali Ahmad: ‘De Israëli’s doen ons extra betalen voor ons eigen water’ (eigen foto)

De terugweg loopt door vruchtbare Jordaan-vallei, helemaal gelegen in area C. Links of rechts, we zien haast uitsluitend Israëlische nederzettingen, dadelplantages en militaire versterkingen. Moeilijk te geloven dat dit alles ooit onder Palestijnse soevereiniteit zal vallen. Europa krijgt veel kritiek voor zijn ‘naïeve’ geloof in de tweestatenoplossing waaraan de Amerikanen onder president Trump zelfs geen lippendienst meer bewijzen. Volgens de scherpste verwijten maakt Europa zich zelfs medeplichtig aan de bezetting door er de kosten van te dragen. ‘Misschien’ wel’, opperde een anonieme maar hooggeplaatste diplomaat. ‘Maar je kunt het ook anders bekijken. Zonder onze hulp aan de Palestijnen was de Westoever al lang en onherroepelijk geannexeerd’.